Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2024:1119

2024-09-10 Strafrecht 23/03754
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2024-09-10
Publicatiedatum
2024-09-02
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/03754
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2024/866

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Vergismoord in Amsterdam in 2021. Beschieting van auto waarbij bestuurster (vriendin van beoogd slachtoffer, dat bijrijder was) om het leven is gekomen. Medeplegen (poging) moord (art. 289 Sr), brandstichting in vluchtauto (art. 157.1 Sr), vuurwapenbezit (art. 26.1 WWM) en vernieling en beschadiging van woningen en auto’s (art. 350.1 Sr). 1. Bewijsklacht voorbedachte raad t.a.v. vriendin van beoogd slachtoffer. 2. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt over toepassing adolescentenstrafrecht op de t.t.v. tlgd. feiten 20-jarige verdachte. 3. Afwijzing aanhoudingsverzoek i.v.m. effectief kunnen ondervragen van getuige (medeverdachte) die zich op verschoningsrecht heeft beroepen. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 23/02770, 23/02882 en 23/03874.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.669 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 23/03754

Datum 10 september 2024




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 25 september 2023, nummer 23-002016-22, in de strafzaak



tegen




[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2000,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft M. Berndsen, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.




2Beoordeling van de cassatiemiddelen
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president V. van den Brink als voorzitter, en de raadsheren T. Kooijmans en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 10 september 2024.