Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2023:37

2023-01-17 Strafrecht 22/01484
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2023-01-17
Publicatiedatum
2023-01-13
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
22/01484
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2023/159

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

WOTS-zaak. Overname tenuitvoerlegging (78 maanden gevangenisstraf) van in Noorwegen aan veroordeelde Nederlander opgelegde gevangenisstraf van 7 jaren t.z.v. medeplegen invoer grote hoeveelheid amfetamine. Middel klaagt dat rechtbank bij vaststelling van hoogte van straf onvoldoende rekening heeft gehouden met persoonlijke omstandigheden van veroordeelde. HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.706 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN





STRAFKAMER








Nummer

22/01484 W



Datum

17 januari 2023






ARREST






op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 5 april 2022, nummer 16-254480-21, omtrent een verzoek van het Koninkrijk Noorwegen tot overname van de tenuitvoerlegging van een rechterlijke beslissing





tegen





[veroordeelde] ,


geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1991,


hierna: de veroordeelde.







1

Procesverloop in cassatie



Het beroep is ingesteld door de veroordeelde. Namens deze heeft F.P. Slewe, advocaat te Schiphol, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.


De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.


De raadsman van de veroordeelde heeft daarop schriftelijk gereageerd.






2

Beoordeling van het cassatiemiddel


De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).





3

Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.





Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en T. Kooijmans, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van

17 januari 2023

.