Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2023:19

2023-01-10 Strafrecht 21/01285
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2023-01-10
Publicatiedatum
2023-01-10
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
21/01285
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2023/135

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Medeplegen bedrijfsmatige hennepteelt (art. 3.B jo. 11.3 Opiumwet), medeplegen aanwezig hebben van hennep (art. 3.C Opiumwet) en deelneming aan criminele organisatie die zich bezighoudt met bedrijfsmatige hennepteelt (art. 11b jo. 11.3 Opiumwet). 1. Heeft hof verweer strekkende tot n-o verklaring van OM in zijn vervolging toereikend gemotiveerd verworpen? 2. Bewijsklacht opzet op medeplegen van aanwezig hebben van 53 gram hennep. HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.524 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN





STRAFKAMER








Nummer

21/01285



Datum

10 januari 2023






ARREST






op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 11 maart 2021, nummer 22-002254-18, in de strafzaak





tegen





[verdachte] ,


geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1963,


hierna: de verdachte.







1

Procesverloop in cassatie



Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.M. Lintz, advocaat te 's‑Gravenhage, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.


De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.






2

Beoordeling van de cassatiemiddelen


De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).





3

Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.





Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren J.C.A.M. Claassens en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van

10 januari 2023

.