Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2023:1669
2023-12-01
Civiel recht
23/00030
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2023:1669 → ECLI:NL:GHDHA:2022:2100 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2023:1669 → ECLI:NL:PHR:2023:935 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Begroting van vervangende schadevergoeding. Onderbouwing van de betwisting van de hoogte van de schade. AVG.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:PHR:2024:1258 Parket bij de Hoge Raad 22-11-2024
- ECLI:NL:PHR:2024:750 Parket bij de Hoge Raad 10-07-2024
Volledige tekst
Volledige tekst (2.381 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 23/00030
Datum 1 december 2023
ARREST
In de zaak van
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: [eiseres],
advocaat: B.M.H. Fleuren,
tegen
PME INVESTMENT SERVICES B.V.,
gevestigd te Den Bosch,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: PME,
niet verschenen.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/558985/HA ZA 18-935 van de rechtbank Den Haag van 28 november 2018, 29 mei 2019, 17 juli 2019, 30 oktober 2019, 15 april 2020 en 27 januari 2021;
b. het arrest in de zaak 200.293.721/01 van het gerechtshof Den Haag van 4 oktober 2022.
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen PME is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van PME begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.H. Sieburgh, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 1 december 2023.
CIVIELE KAMER
Nummer 23/00030
Datum 1 december 2023
ARREST
In de zaak van
[eiseres] B.V.,
gevestigd te [vestigingsplaats],
EISERES tot cassatie,
hierna: [eiseres],
advocaat: B.M.H. Fleuren,
tegen
PME INVESTMENT SERVICES B.V.,
gevestigd te Den Bosch,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: PME,
niet verschenen.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/558985/HA ZA 18-935 van de rechtbank Den Haag van 28 november 2018, 29 mei 2019, 17 juli 2019, 30 oktober 2019, 15 april 2020 en 27 januari 2021;
b. het arrest in de zaak 200.293.721/01 van het gerechtshof Den Haag van 4 oktober 2022.
[eiseres] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen PME is verstek verleend.
De zaak is voor [eiseres] toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van PME begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, C.H. Sieburgh, A.E.B. ter Heide, S.J. Schaafsma en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 1 december 2023.