Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2023:1629

2023-11-24 Civiel recht 23/01750
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2023-11-24
Publicatiedatum
2023-11-23
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
23/01750
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2023/1131

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Onteigeningsrecht. Incident tot tussenkomst in onteigeningszaak. Art. 3 lid 2 en 3 Ow.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.609 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 23/01750

Datum 24 november 2023




ARREST




In de zaak van



BP EUROPA SE-BP NEDERLAND t.h.o.d.n. BP DE ZWETH,
gevestigd te Rotterdam,
EISERES tot cassatie,
hierna: BP,
advocaat: voorheen J.P. van den Berg, thans R.R. Oudijk,



tegen



PROVINCIE ZUID-HOLLAND, zowel in haar hoedanigheid van eiseres in de hoofdzaak en gedaagde in het incident tot tussenkomst, als in haar hoedanigheid van gedaagde in de hoofdzaak en gedaagde in het incident tot tussenkomst,
zetelende te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de Provincie,
advocaat: R.T. Wiegerink.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar het vonnis in de zaak C/09/640802 / HA ZA 23-28 van de rechtbank Den Haag van 5 april 2023.
BP heeft tegen het vonnis van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
De Provincie heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van BP heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het vonnis van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat vonnis. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt BP in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Provincie begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien BP deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.






Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren S.J. Schaafsma en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 24 november 2023.