Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2023:1075

2023-07-07 Civiel recht; Goederenrecht 22/03084
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2023-07-07
Publicatiedatum
2023-07-07
Rechtsgebied
Civiel recht; Goederenrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
22/03084
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2023/816

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Verbintenissenrecht. Geschil tussen erfpachter en erfverpachter van buitenplaats over verplichtingen van erfverpachter tot herstel, aanleg en onderhoud en over canonherziening.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.493 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



CIVIELE KAMER






Nummer 22/03084

Datum 7 juli 2023




ARREST




In de zaak van




[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: thans L.V. van Gardingen, voorheen J.F. de Groot,



tegen



STICHTING HET UTRECHTS LANDSCHAP,
gevestigd te De Bilt,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: HUL,
advocaat: J.H.M. van Swaaij.





1Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/13/617462/HA ZA 16-1083 van de rechtbank Amsterdam van 29 mei 2019 en 4 maart 2020;
b. het arrest in de zaak 200.279.435/01 van het gerechtshof Amsterdam van 24 mei 2022.

[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
HUL heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor HUL toegelicht door haar advocaat en mede door R.J. ter Rele.
De conclusie van de Advocaat-Generaal W.L. Valk strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.





2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).




3Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van HUL begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.





Dit arrest is gewezen door de raadsheren F.R. Salomons, als voorzitter, G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 7 juli 2023.