Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2023:1002
2023-06-30
Civiel recht; Verbintenissenrecht
22/02449
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2023:1002 → ECLI:NL:GHSHE:2022:1080 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2023:1002 → ECLI:NL:PHR:2023:488 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Medische behandelingsovereenkomst. Vervolg op HR 19 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1082 (Miragelplombe). Was plombe in 1992 "state of the art"? Stelplicht en bewijslast.
Citeert (1)
- ECLI:NL:HR:2020:1082 Hoge Raad 19-06-2020
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2025:166 Parket bij de Hoge Raad 07-02-2025
Volledige tekst
Volledige tekst (2.518 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 22/02449
Datum 30 juni 2023
ARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: J. van Weerden,
tegen
KATHOLIEKE UNIVERSITEIT NIJMEGEN (UMC ST. RADBOUD ZIEKENHUIS),
gevestigd te Nijmegen,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Radboudumc,
advocaat: N.T. Dempsey.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:
a. zijn arrest in de zaak 19/00962 van 19 juni 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1082);
b. het arrest in de zaak 200.287.326/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 april 2022.
[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Radboudumc heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Radboudumc mede door L.A. Burwick.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Radboudumc begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 30 juni 2023.
CIVIELE KAMER
Nummer 22/02449
Datum 30 juni 2023
ARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: J. van Weerden,
tegen
KATHOLIEKE UNIVERSITEIT NIJMEGEN (UMC ST. RADBOUD ZIEKENHUIS),
gevestigd te Nijmegen,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Radboudumc,
advocaat: N.T. Dempsey.
1Procesverloop
Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar:
a. zijn arrest in de zaak 19/00962 van 19 juni 2020 (ECLI:NL:HR:2020:1082);
b. het arrest in de zaak 200.287.326/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 5 april 2022.
[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Radboudumc heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Radboudumc mede door L.A. Burwick.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Radboudumc begroot op € 857,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eiser] deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren G.C. Makkink en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 30 juni 2023.