Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2022:1743
2022-11-25
Civiel recht
21/04044
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2022:1743 → ECLI:NL:PHR:2022:785 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Bestuurdersaansprakelijkheid. Klachten over onder meer beoordeling van beslagverlof en criterium persoonlijk ernstig verwijt.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.343 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/04044
Datum 25 november 2022
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: C.S.G. Janssens,
tegen
INNO NAUTIC HOLDING B.V.,
gevestigd te Eemnes,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: INH,
niet verschenen.
1Procesverloop in cassatie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/556542 / HA ZA 18-787 van de rechtbank Den Haag van 7 november 2018 en 10 juli 2019;
b. het arrest in de zaak 200.265.123/01 van het gerechtshof Den Haag van 29 juni 2021.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen INH is verstek verleend.
De zaak is voor [eisers] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de advocaat-generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van INH begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze, als voorzitter, en de raadsheren C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 25 november 2022.
CIVIELE KAMER
Nummer 21/04044
Datum 25 november 2022
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. [eiser 2],
wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: C.S.G. Janssens,
tegen
INNO NAUTIC HOLDING B.V.,
gevestigd te Eemnes,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: INH,
niet verschenen.
1Procesverloop in cassatie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/556542 / HA ZA 18-787 van de rechtbank Den Haag van 7 november 2018 en 10 juli 2019;
b. het arrest in de zaak 200.265.123/01 van het gerechtshof Den Haag van 29 juni 2021.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen INH is verstek verleend.
De zaak is voor [eisers] toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de advocaat-generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van INH begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze, als voorzitter, en de raadsheren C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 25 november 2022.