Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2022:1604
2022-11-11
Civiel recht; Personen- en familierecht
21/04706
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2022:1604 → ECLI:NL:GHDHA:2021:1532 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2022:1604 → ECLI:NL:PHR:2022:611 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Personen- en familierecht. Partneralimentatie. Tijdens mondelinge behandeling van voorlopige voorziening tussen partijen gesloten overeenkomst over door de man te betalen maandelijks bedrag aan partneralimentatie voor duur van bodemprocedure, die rechtbank overneemt in uitspraak over verzochte voorlopige voorziening. Kon in bodemprocedure lager bedrag aan partneralimentatie worden vastgesteld met veroordeling vrouw tot terugbetaling van het teveel ontvangene? Draagkracht en behoefte; motivering.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (3)
- ECLI:NL:PHR:2024:1261 Parket bij de Hoge Raad 22-11-2024
- ECLI:NL:GHARL:2024:2357 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 09-04-2024
- ECLI:NL:PHR:2023:1036 Parket bij de Hoge Raad 17-11-2023
Volledige tekst
Volledige tekst (2.048 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/04706
Datum 11 november 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: de vrouw,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
[de man],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de man,
advocaat: C.G.A. van Stratum.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de beschikking in de zaak C/09/585092 FA RK 19-9291 van de rechtbank Den Haag van 20 november 2020;
de beschikking in de zaak 200.286.905/01 van het gerechtshof Den Haag van 11 augustus 2021.
De vrouw heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft verzocht het cassatieberoep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de vrouw heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 11 november 2022.
CIVIELE KAMER
Nummer 21/04706
Datum 11 november 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[de vrouw],wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie,
hierna: de vrouw,
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
[de man],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de man,
advocaat: C.G.A. van Stratum.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de beschikking in de zaak C/09/585092 FA RK 19-9291 van de rechtbank Den Haag van 20 november 2020;
de beschikking in de zaak 200.286.905/01 van het gerechtshof Den Haag van 11 augustus 2021.
De vrouw heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld. De procesinleiding is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De man heeft verzocht het cassatieberoep te verwerpen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van de vrouw heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.J.P. Lock op 11 november 2022.