Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2022:1363
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2022:1363 → ECLI:NL:PHR:2022:665
Inhoudsindicatie
Profijtontneming, w.v.v. uit hennepteelt. Motivering schatting w.v.v. Kon hof oordelen dat betrokkene w.v.v. heeft genoten “uit het bewezenverklaarde handelen”? HR: Op redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Berekening en vaststelling w.v.v. zien op verkoop van eerdere oogst uit andere kweekruimtes dan die waarop bewezenverklaring ziet, Terwijl in bewezenverklaring bedoelde hennepplanten in beslag zijn genomen. Betrokkene heeft dus geen financieel voordeel genoten “uit het bewezenverklaarde”. Daarnaast liggen in ’s hofs overwegingen geen vaststellingen besloten omtrent bestaan van andere strafbare feiten, waaromtrent ‘voldoende aanwijzingen’ bestaan dat zij door betrokkene zijn begaan. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 21/00587.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2025:612 Parket bij de Hoge Raad 27-05-2025
Volledige tekst
Volledige tekst (2.532 tekens)
STRAFKAMER
Nummer 21/00588 P
Datum 4 oktober 2022
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 29 januari 2021, nummer 21-007025-18, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977,
hierna: de betrokkene.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze heeft L.E.G. van der Hut, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden teneinde opnieuw te worden berecht en afgedaan.
2Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
3.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de betrokkene “uit het bewezenverklaarde handelen” wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten.
3.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 9 tot en met 13.
4Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 oktober 2022.