Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2022:1031

2022-07-08 Civiel recht; Goederenrecht 21/00550
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2022-07-08
Publicatiedatum
2022-07-07
Rechtsgebied
Civiel recht; Goederenrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
21/00550
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2022/721

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht; burenrecht. Schending art. 5:50 lid 1 BW? Uitleg erfdienstbaarheid van in- en uitzicht.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.612 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


CIVIELE KAMER



Nummer 21/00550

Datum 8 juli 2022


ARREST


In de zaak van

1. [eiser 1],wonende te [woonplaats],
2. [eiser 2],wonende te [woonplaats],
3. [eiseres 3],wonende te [woonplaats],

EISERS tot cassatie,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaat: C.S.G. Janssens,


tegen

1. [verweerder 1],wonende te [woonplaats],
2. [verweerster 2],wonende te [woonplaats],

VERWEERDERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: [verweerders],
advocaat: J. van der Beek.


1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:


de vonnissen in de zaak C/13/634403 / HA ZA 17-839 van de rechtbank Amsterdam van 24 januari 2018 en 13 juni 2018;


de arresten in de zaak 200.248.158/01 van het gerechtshof Amsterdam van 30 oktober 2018 en 10 november 2020.




[eisers] hebben tegen het arrest van het hof van 10 november 2020 beroep in cassatie ingesteld.

[verweerders] hebben een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.



2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).





3Beslissing
De Hoge Raad:


verwerpt het beroep;


veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op € 421,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.






Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 8 juli 2022.