Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2021:328

2021-03-02 Strafrecht 19/04711
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2021-03-02
Publicatiedatum
2021-02-26
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
19/04711
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2021/310

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Economische zaak. Overtreding art. 5 Wet vervoer gevaarlijke stoffen (meermalen gepleegd) door rechtspersoon. Vervoer gevaarlijke stoffen met een vervoermiddel per spoor, waarbij niet alle daarop betrekking hebbende veiligheidsvoorschriften zijn nageleefd. Middel over de toerekening van de tlgd. gedragingen aan de rechtspersoon. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 19/04710 en 19/04707.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.824 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 19/04711 E

Datum 2 maart 2021




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag, economische kamer, van 8 oktober 2019, nummer 22/004448-17, in de strafzaak



tegen




[verdachte],
gevestigd te [vestigingsplaats],
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben N. van Schaik en S.D. Groen, beiden advocaat te Utrecht, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman N. van Schaik heeft daarop schriftelijk gereageerd.




2Beoordeling van het cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 2 maart 2021.