Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2021:1805
2021-12-03
Civiel recht
20/01754
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2021:1805 → ECLI:NL:GHDHA:2020:1342 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2021:1805 → ECLI:NL:PHR:2021:445 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Verzekeringsrecht. CAR-verzekering. Schade als gevolg van werkzaamheden na oplevering van het werk. Werd het werk uitgevoerd binnen overeengekomen onderhoudstermijn? Mocht verzekeraar na weigering van dekking op onjuist gebleken grond, vervolgens op andere grond dekking weigeren?
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.314 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 20/01754
Datum 3 december 2021
ARREST
In de zaak van
UNIPER BENELUX N.V.,gevestigd te Rotterdam,
EISERES tot cassatie,
hierna: Uniper,
advocaat: K. Teuben,
tegen
CHUBB EUROPEAN GROUP LIMITED,gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Chubb,
advocaten: F.E. Vermeulen en B.F.L.M. Schim.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/10/508593 / HA ZA 16-831 van de rechtbank Rotterdam van 19 maart 2014, 1 april 2015 en 10 januari 2018;
het arrest in de zaak 200.237.267/01 van het gerechtshof Den Haag van 10 maart 2020.
Uniper heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Chubb heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Uniper heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Uniper in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Chubb begroot op € 6.971,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak, als voorzitter, en de raadsheren M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 3 december 2021.
CIVIELE KAMER
Nummer 20/01754
Datum 3 december 2021
ARREST
In de zaak van
UNIPER BENELUX N.V.,gevestigd te Rotterdam,
EISERES tot cassatie,
hierna: Uniper,
advocaat: K. Teuben,
tegen
CHUBB EUROPEAN GROUP LIMITED,gevestigd te Londen, Verenigd Koninkrijk,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Chubb,
advocaten: F.E. Vermeulen en B.F.L.M. Schim.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/10/508593 / HA ZA 16-831 van de rechtbank Rotterdam van 19 maart 2014, 1 april 2015 en 10 januari 2018;
het arrest in de zaak 200.237.267/01 van het gerechtshof Den Haag van 10 maart 2020.
Uniper heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Chubb heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Uniper heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Uniper in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Chubb begroot op € 6.971,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak, als voorzitter, en de raadsheren M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer H.M. Wattendorff op 3 december 2021.