Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2021:150
2021-01-29
Civiel recht
19/04491
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2021:150 → ECLI:NL:GHDHA:2019:1808 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2021:150 → ECLI:NL:PHR:2020:847 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Overeenkomstenrecht. Geschil over garantie (of borgtocht) in overeenkomst m.b.t. afname van hotelaccommodatie. Diverse klachten tegen het oordeel dat garantie kan worden ingeroepen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.318 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/04491
Datum 29 januari 2021
ARREST
In de zaak van
CHAGALL HOLDING B.V.,gevestigd te Leidschendam-Voorburg,
EISERES tot cassatie,
hierna: Chagall,
advocaat: M.E. Bruning,
tegen
SHELL INTERNATIONAL EXPLORATION AND PRODUCTION B.V.,gevestigd te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Shell,
advocaat: F.E. Vermeulen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/09/522980 / HA ZA 16-1356 van de rechtbank Den Haag van 5 april 2017 en 14 februari 2018;
het arrest in de zaak 200.241.609/01 van het gerechtshof Den Haag van 2 juli 2019.
Chagall heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Shell heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Shell mede door P.B. Fritschy.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Chagall heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Chagall in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Shell begroot op € 6.442,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren G. Snijders, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 29 januari 2021.
CIVIELE KAMER
Nummer 19/04491
Datum 29 januari 2021
ARREST
In de zaak van
CHAGALL HOLDING B.V.,gevestigd te Leidschendam-Voorburg,
EISERES tot cassatie,
hierna: Chagall,
advocaat: M.E. Bruning,
tegen
SHELL INTERNATIONAL EXPLORATION AND PRODUCTION B.V.,gevestigd te Den Haag,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Shell,
advocaat: F.E. Vermeulen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/09/522980 / HA ZA 16-1356 van de rechtbank Den Haag van 5 april 2017 en 14 februari 2018;
het arrest in de zaak 200.241.609/01 van het gerechtshof Den Haag van 2 juli 2019.
Chagall heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Shell heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Shell mede door P.B. Fritschy.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Chagall heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Chagall in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Shell begroot op € 6.442,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren G. Snijders, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en C.H. Sieburgh, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 29 januari 2021.