Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2020:650

2020-04-14 Strafrecht 18/04529
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2020-04-14
Publicatiedatum
2020-04-10
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
18/04529
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2020/567

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Medeplegen uitvoer heroïne, art. 2.C. Opiumwet. Middelen over 1. verzuim te beslissen op getuigenverzoek en 2. strafmotivering i.v.m. verdachtes persoonlijke omstandigheden. HR: art. 80a RO. Samenhang met 18/02879, 18/02884, 18/02900, 18/03070 en 19/00309.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.813 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER





Nummer 18/04529

Datum 14 april 2020




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 28 juni 2018, nummer 21/002099-14, in de strafzaak



tegen




[verdachte],
geboren te [geborteplaats] op [geboortedatum] 1971,
hierna: de verdachte.





1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J.J.J. van Rijsbergen, advocaat te Breda, een schriftuur ingediend. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal T.N.B.M. Spronken heeft schriftelijk het standpunt ingenomen dat het cassatieberoep met toepassing van artikel 80a RO niet-ontvankelijk kan worden verklaard.




2Beoordeling van de ontvankelijkheid van het cassatieberoep
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De procureur‑generaal bij de Hoge Raad heeft de gelegenheid gekregen een advies uit te brengen. De Hoge Raad is tot het oordeel gekomen dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen. Hij zal daarom gebruikmaken van de mogelijkheid om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren (zie artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep niet-ontvankelijk.


Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.E.M. Röttgering, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 april 2020.