Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2020:506
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2020:506 → ECLI:NL:PHR:2020:76
Inhoudsindicatie
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. medeplegen opzetheling, art. 416.1 Sr. Aanhoudingsverzoek niet gemachtigde raadsman ttz. op de grond dat het in belang van verdachte is dat hij gebruik kan maken van zijn aanwezigheidsrecht en dat raadsman niet is gebleken dat verdachte op de hoogte is van tz. en ook niet dat dagvaarding juist is betekend, door hof afgewezen o.g.v. overweging dat niet aannemelijk is geworden dat verdachte van zijn aanwezigheidsrecht gebruik wenst te maken, nu niet duidelijk is waarom verdachte niet aanwezig is en raadsman niet beschikt over actuele contactgegevens van verdachte. HR: Om redenen vermeld in CAG slaagt middel. CAG: Dagvaarding in h.b. is niet in persoon betekend, terwijl evenmin o.b.v. andere omstandigheid is vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk weet had van tz. in h.b. Hof heeft aanhoudingsverzoek afgewezen op enkele grond dat niet aannemelijk is geworden dat verdachte van zijn aanwezigheidsrecht gebruik wenste te maken. Dat oordeel is, gelet op beoordelingskaders voor aanhoudingsverzoeken (ECLI:NL:HR:2018:1934 en ECLI:NL:HR:2019:1142), niet begrijpelijk. Hof had bij beoordeling van aanhoudingsverzoek afweging moeten maken tussen alle bij aanhouding van onderzoek ttz. betrokken belangen. Dat heeft hof echter niet gedaan. Volgt vernietiging en terugwijzing.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:PHR:2022:767 Parket bij de Hoge Raad 30-08-2022
- ECLI:NL:PHR:2020:353 Parket bij de Hoge Raad 07-04-2020
Volledige tekst
Volledige tekst (1.826 tekens)
STRAFKAMER
Nummer 18/04983
Datum 24 maart 2020
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 1 november 2018, nummer 20/002745-17, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1981,
hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft P.C. Saris, advocaat te Eindhoven, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.
2Beoordeling van het cassatiemiddel
2.1
Het cassatiemiddel klaagt over de afwijzing door het hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van advocaat-generaal.
3Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren M.J. Borgers en M. Kuijer, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 24 maart 2020.