Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2020:455

2020-03-20 Bestuursrecht; Belastingrecht 19/02966
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2020-03-20
Publicatiedatum
2020-03-17
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
19/02966
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | V-N Vandaag 2020/731 | V-N 2020/16.28.6 | FutD 2020-0839 | Viditax (FutD) 2020032022

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

HR: 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.225 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


BELASTINGKAMER



Nummer 19/02966

Datum 20 maart 2020



ARREST



in de zaak van




[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)



tegen



de STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN



op het beroep in cassatie tegen de uitspraak van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch van 9 mei 2019, nrs. 18/00241 en 18/00242, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant (nrs. BRE 17/1502 en 17/503) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2012 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen, de daarbij gegeven beschikking inzake belastingrente en de aan belanghebbende voor het jaar 2015 opgelegde aanslag in de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.






1Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Hof beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.




2Beoordeling van de klachten
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van Hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie).



3Proceskosten
De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.



4Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.


Dit arrest is gewezen door de raadsheer J. Wortel als voorzitter, en de raadsheren A.F.M.Q. Beukers-van Dooren en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2020.