Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2020:210

2020-02-07 Civiel recht 18/01665
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2020-02-07
Publicatiedatum
2020-02-06
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
18/01665
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2020/225

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Vermogensrecht. Vordering tegen PostNL wegens het ongeldig verklaren van gulden-postzegels per 1 november 2013 zonder inruilmogelijkheid. Onrechtmatig? Ongerechtvaardigde verrijking? Rechtskarakter frankeerzegel. Juridische kwalificatie aanschaf/bezit postzegel.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (3.504 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


CIVIELE KAMER



Nummer 18/01665

Datum 7 februari 2020


ARREST


In de zaak van

1. [eiser 1] ,wonende te [woonplaats] ,
2. [eiser 2],wonende te [woonplaats] ,
3. [eiser 3],wonende te [woonplaats] ,
4. [eiseres 4] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
5. [eiser 5],wonende te [woonplaats]

6. [eiser 6],wonende te [woonplaats] ,
7. [eiser 7],
wonende te [woonplaats] ,
8. [eiseres 8] B.V.
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
9. [eiser 9],
wonende te [woonplaats] ,
10. [eiser 10],
wonende te [woonplaats] ,


EISERS tot cassatie, verweerders in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: [eisers] ,
advocaat: J. van Weerden,


tegen

1. KONINKLIJKE POSTNL B.V.,gevestigd te Den Haag,
2. POSTNL N.V.,gevestigd te Den Haag,

VERWEERSTERS in cassatie, eiseressen in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: PostNL,
advocaat: W.H. van Hemel.


1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:


de vonnissen in de zaken C/09/477078 / HA ZA 14/1270, C/09/481695/HA ZA 15-121, C/09/482852/HA ZA 15-183 en C/09/494573/HA ZA 15-941 van de rechtbank Den Haag van 4 maart 2015, 30 september 2015 en 23 maart 2016;


het arrest in de zaak 200.194.980/01 van het gerechtshof Den Haag van 23 januari 2018.




[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld. PostNL heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. PostNL heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. [eisers] hebben een verweerschrift tot referte in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingediend.
De zaak is voor PostNL toegelicht door haar advocaat en mede door T.R.B. de Greve en S.L. Boerssen.
De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.



2Beoordeling van het middel in het principale beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie art. 81 lid 1 RO).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.






3Beslissing
De Hoge Raad:
- verwerpt het principale beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van PostNL begroot op € 865,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.




Dit arrest is gewezen door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 7 februari 2020.