Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2020:1782
2020-11-13
Civiel recht; Goederenrecht
19/02372
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2020:1782 → ECLI:NL:GHARL:2019:1376 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2020:1782 → ECLI:NL:PHR:2020:481 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Goederenrecht. Verkrijging tweedehands auto van beschikkingsonbevoegde? Bescherming verkrijger? Art. 3:86 lid 1 BW. Goede trouw. Onderzoeksplicht.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:RBOVE:2026:872 Rechtbank Overijssel 11-02-2026
Volledige tekst
Volledige tekst (2.342 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 19/02372
Datum 13 november 2020
ARREST
In de zaak van
[eiser],wonende te [woonplaats], Duitsland,
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: J. de Jong van Lier,
tegen
1. V.O.F. [verweerster 1],gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [verweerder 2],wonende te [vestigingsplaats],
3. [verweerster 3] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: [verweerders],
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/18/151950/HA ZA 14/305 van de rechtbank Noord-Nederland van 20 mei 2015 en 18 mei 2016;
het arrest in de zaak 200.197.644/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 12 februari 2019.
[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerders] is verstek verleend.
De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 13 november 2020.
CIVIELE KAMER
Nummer 19/02372
Datum 13 november 2020
ARREST
In de zaak van
[eiser],wonende te [woonplaats], Duitsland,
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: J. de Jong van Lier,
tegen
1. V.O.F. [verweerster 1],gevestigd te [vestigingsplaats],
2. [verweerder 2],wonende te [vestigingsplaats],
3. [verweerster 3] B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna gezamenlijk: [verweerders],
niet verschenen.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/18/151950/HA ZA 14/305 van de rechtbank Noord-Nederland van 20 mei 2015 en 18 mei 2016;
het arrest in de zaak 200.197.644/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 12 februari 2019.
[eiser] heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Tegen [verweerders] is verstek verleend.
De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiser] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel
De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie).
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerders] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op 13 november 2020.