Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2019:573

2019-04-12 Civiel recht 19/00279
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2019-04-12
Publicatiedatum
2019-04-11
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
19/00279
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2019/499

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Cassatieprocesrecht. Art. 426a lid 1 Rv. Niet-ontvankelijkheid. Verzoekschrift niet ondertekend door advocaat bij de Hoge Raad.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.273 tekens)
12 april 2019
Eerste Kamer
19/00279
TT/AS


Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking

in de zaak van:



[de vader] ,wonende te [woonplaats] ,

VERZOEKER tot cassatie.




Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [de vader] .





1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaken 5695523 MS VERZ 17-47 en 5695631 BM VERZ 17-228 van de kantonrechter te Zwolle van 30 oktober 2017;
b. de beschikking in de zaak 200.232.370/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 2 oktober 2018.
De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.




2Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft [de vader] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoeker in zijn cassatieberoep.

[de vader] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd. Nu deze brief niet door tussenkomst van een advocaat aan de Hoge Raad is toegestuurd, zal de Hoge Raad daarop geen acht slaan.





3Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
Het op 2 januari 2019 ingekomen verzoekschrift is ingediend door [de vader] zelf en is niet, zoals vereist door art. 426a lid 1 Rv, ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Dit verzuim kan worden hersteld door hetzelfde verzoekschrift binnen twee weken na binnenkomst ter griffie van de Hoge Raad opnieuw in te dienen, maar nu ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad. Van deze mogelijkheid is geen gebruik gemaakt. Dit brengt mee dat [de vader] niet-ontvankelijk dient te worden verklaard.




4Beslissing
De Hoge Raad verklaart [de vader] niet-ontvankelijk in zijn beroep.


Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, T.H. Tanja-van den Broek en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 12 april 2019.