Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2019:2028

2019-12-20 Civiel recht; Verbintenissenrecht 18/03299
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2019-12-20
Publicatiedatum
2019-12-19
Rechtsgebied
Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
18/03299
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2020/92

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Verbintenissenrecht. Wet financieel toezicht. Zorgplicht bank. Vaststellingsovereenkomst. Normale bancaire normen. Rentederivaten. Nakoming. Dwaling. Verjaring vernietigingsvordering (art. 3:52 BW). Grievenstelsel. Grenzen rechtsstrijd.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.861 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN


CIVIELE KAMER



Nummer 18/03299

Datum 20 december 2019


ARREST


In de zaak van

1. [eiseres 1],wonende te [woonplaats 1],
2. [eiser 2],wonende te [woonplaats 2],

EISERS tot cassatie, verweerders in het incidentele cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: [eisers],
advocaten: mr. M. Littooij en mr. M.B.A. Alkema,


tegen


COÖPERATIEVE RABOBANK U.A., als rechtsopvolgster van Coöperatieve Rabobank De Kempen U.A.,gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het incidentele cassatieberoep,
hierna: Rabobank,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen.


1. Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:


de vonnissen in de zaak C/01/251185/ HA ZA 12-730 van de rechtbank Oost-Brabant van 31 oktober 2012, 3 juli 2013 en 4 maart 2015 (verbeterd bij herstelvonnis van 1 april 2015);


het arrest in de zaak 200.174.336/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 1 mei 2018.




[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld. Rabobank heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer een verweerschrift tot verwerping van het beroep ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor Rabobank mede door mr. B.F.L.M. Schim.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van zowel het principale als het incidentele cassatieberoep.
De advocaten van partijen hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.



2Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.





3Beslissing

De Hoge Raad:

in het principale beroep:


- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Rabobank begroot op € 6.662,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris;
in het incidentele beroep:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt Rabobank in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [eisers] begroot op € 68,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.




Dit arrest is gewezen door de raadsheer T.H. Tanja-van den Broek als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 20 december 2019.