Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2019:1720
2019-11-08
Civiel recht; Arbeidsrecht
18/03950
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2019:1720 → ECLI:NL:GHSHE:2018:3054
- conclusie ECLI:NL:HR:2019:1720 → ECLI:NL:PHR:2019:772
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Arbeidsrecht. WWZ. Ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Verzoek werknemer tot toekenning billijke vergoeding wegens ernstig verwijtbaar handelen werkgever gedurende re-integratietraject; art 7:682 lid 1, onder c, BW. Maatstaf. Bewijsaanbod.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (9)
- ECLI:NL:GHSHE:2024:113 Gerechtshof 's-Hertogenbosch 18-01-2024
- ECLI:NL:RBGEL:2023:1239 Rechtbank Gelderland 26-01-2023
- ECLI:NL:PHR:2021:1014 Parket bij de Hoge Raad 01-11-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:1038 Parket bij de Hoge Raad 15-10-2021
- ECLI:NL:PHR:2020:638 Parket bij de Hoge Raad 29-05-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:638 Parket bij de Hoge Raad 29-05-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:638 Parket bij de Hoge Raad 29-05-2020
- ECLI:NL:GHAMS:2020:1320 Gerechtshof Amsterdam 14-04-2020
- ECLI:NL:RBMNE:2019:5931 Rechtbank Midden-Nederland 29-11-2019
Volledige tekst
Volledige tekst (2.586 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 18/03950
Datum 8 november 2019
BESCHIKKING
In de zaak van
[Werkneemster],wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: [Werkneemster],
advocaat: mr. M.J. van Basten Batenburg,
tegen
STICHTING CICERO ZORGGROEP,gevestigd te Brunssum,
VERWEERSTER in cassatie, verzoekster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: Cicero,
advocaat: mr. H.J.W. Alt.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak 6270701 AZ VERZ 17-118 van de rechtbank Limburg van 30 november 2017;
b. de beschikking in de zaak 200.234.449 van het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch van 12 juli 2018.
[Werkneemster] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Cicero heeft een verweerschrift tot verwerping, tevens voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingediend. Het cassatierekest en het verweerschrift tevens houdende voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
De advocaat van [Werkneemster] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel in het principale beroep
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt [Werkneemster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Cicero begroot op € 2.704,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren, M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock , en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 8 november 2019.
CIVIELE KAMER
Nummer 18/03950
Datum 8 november 2019
BESCHIKKING
In de zaak van
[Werkneemster],wonende te [woonplaats],
VERZOEKSTER tot cassatie, verweerster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: [Werkneemster],
advocaat: mr. M.J. van Basten Batenburg,
tegen
STICHTING CICERO ZORGGROEP,gevestigd te Brunssum,
VERWEERSTER in cassatie, verzoekster in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
hierna: Cicero,
advocaat: mr. H.J.W. Alt.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak 6270701 AZ VERZ 17-118 van de rechtbank Limburg van 30 november 2017;
b. de beschikking in de zaak 200.234.449 van het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch van 12 juli 2018.
[Werkneemster] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
Cicero heeft een verweerschrift tot verwerping, tevens voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingediend. Het cassatierekest en het verweerschrift tevens houdende voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
De conclusie van de Advocaat-Generaal R.H. de Bock strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
De advocaat van [Werkneemster] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2Beoordeling van het middel in het principale beroep
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.
3Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt [Werkneemster] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Cicero begroot op € 2.704,07 aan verschotten en € 1.800,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren, M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock , en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer C.E. du Perron op 8 november 2019.