Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2019:1546

2019-10-08 Strafrecht 18/02870
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2019-10-08
Publicatiedatum
2019-10-07
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
18/02870
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | SR-Updates.nl 2019-0348 | JIN 2019/167 met annotatie van Oort, C. van | RvdW 2019/1108

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Diefstal van koffer van toerist op station in Amsterdam, art. 310 Sr. Strafmotivering (gevangenisstraf van 8 weken, waarvan 4 weken voorwaardelijk), art. 22b Sr. Kon Hof toepassing geven aan taakstrafverbod, nu uit uittreksel justitiële documentatie niet blijkt dat aan verdachte in vijf jaren voorafgaand aan diefstal wegens soortgelijk feit taakstraf is opgelegd? HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld. CAG: Gelet op inhoud van uittreksel justitiële documentatie, is ’s Hofs oordeel dat art. 22b.2 Sr van toepassing is en dat taakstraf niet mogelijk is, onjuist. Volgt partiële vernietiging en terugwijzing.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.237 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN



STRAFKAMER






Nummer 18/02870

Datum 8 oktober 2019




ARREST




op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 8 juni 2018, nummer 23/003317-17, in de strafzaak



tegen




[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1999,
hierna: de verdachte.





1Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft E. El Assrouti, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, en tot terugwijzing van de zaak naar het Gerechtshof Amsterdam, teneinde in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.




2Beoordeling van het eerste middel

2.1
Het middel klaagt over het oordeel van het Hof dat het in art. 22b Sr bedoelde verbod tot oplegging van een taakstraf van toepassing is.


2.2
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4 tot en met 10 is het middel terecht voorgesteld.


2.3
Het middel slaagt.




3Beoordeling van het tweede middel
Gelet op de hierna volgende beslissing behoeft het middel geen bespreking.



4Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging;
- wijst de zaak terug naar het Gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak in zoverre op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan;
- verwerpt het beroep voor het overige.




Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 8 oktober 2019.