Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2019:1015
2019-06-25
Strafrecht
17/04099
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2019:1015 → ECLI:NL:GHAMS:2017:4809 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2019:1015 → ECLI:NL:PHR:2019:669
Inhoudsindicatie
Wederspannigheid met lichamelijk letsel tot gevolg, art. 180 jo. 181.1 Sr. 1. Onderzoek in e.a. nietig, nu p-v tz. in e.a. ontbreekt? 2. Bewijsklachten t.a.v. “werkzaam in de rechtmatige bediening, te weten noodhulpsurveillance”. Bepaalde in bewijsoverweging aangehaalde omstandigheden volgen niet uit b.m. 3. Motivering toewijzing vordering b.p. HR: art. 81.1 RO. CAG t.a.v. niet met voldoende nauwkeurigheid b.m. aanduiden waaraan redengevende omstandigheden zijn ontleend: Verzuim behoeft niet tot cassatie te leiden o.m. omdat onderdeel p-v in b.m. kennelijk per abuis is weggevallen in weergave ervan, zodat verdachte onvoldoende rechtens te respecteren belang heeft bij cassatie.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (1.536 tekens)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 17/04099
Datum 25 juni 2019
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 15 augustus 2017, nummer 23/002572-16, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
hierna: de verdachte.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft Y. Moszkowicz, advocaat te Utrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 juni 2019.
STRAFKAMER
Nummer 17/04099
Datum 25 juni 2019
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 15 augustus 2017, nummer 23/002572-16, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1972,
hierna: de verdachte.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft Y. Moszkowicz, advocaat te Utrecht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en E.S.G.N.A.I. van de Griend, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 25 juni 2019.