Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:992
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:992 → ECLI:NL:PHR:2018:441
Inhoudsindicatie
Feitelijke leiding geven aan het door rechtspersoon opzettelijk i) doen van onjuiste en/of onvolledige aangifte omzetbelasting, art. 68.1.a AWR en ii) niet tijdig doen van aangifte vennootschapsbelasting, art. 69.1 AWR, feitelijke leiding geven aan het door rechtspersoon plegen van bedrieglijke bankbreuk en medeplegen van bedrieglijke bankbreuk, art. 341.1 Sr en feitelijke leiding geven aan het door een rechtspersoon begaan van valsheid in geschrift, art. 225.1 Sr. Middelen o.m. over verwerping verweer bewijsuitsluiting vanwege schending nemo-teneturbeginsel. HR: art. 81.1 RO. CAG: Verdachte is i.h.k.v. faillissementsprocedure door de RC ondervraagd over vindplaats van 30 dozen administratie waarop verweer betrekking heeft. Art. 29 Sv is niet van toepassing op deze procedure. Wel staat nemo-teneturbeginsel eraan in de weg dat het in faillissementsprocedure verkregen wilsafhankelijke materiaal wordt gebruikt voor eventuele strafvervolging. Uitleg begrip wils(on)afhankelijk. Samenhang met 16/05697 en 16/05698.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (3)
- ECLI:NL:RBOVE:2022:766 Rechtbank Overijssel 21-03-2022
- ECLI:NL:RBOVE:2022:773 Rechtbank Overijssel 21-03-2022
- ECLI:NL:PHR:2021:13 Parket bij de Hoge Raad 12-01-2021
Volledige tekst
Volledige tekst (1.533 tekens)
Strafkamer
nr. S 16/05696
SK
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 16 november 2016, nummer 21/001676-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1950.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben J.W.E. Luiten en R.I. Kool, beiden advocaat te Maastricht, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman Luiten heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 26 juni 2018.