Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:784
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:784 → ECLI:NL:PHR:2018:296
Inhoudsindicatie
OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv op twee geldbedragen die zijn aangetroffen in kofferbak van auto van beslagene (werknemer van klaagster). Vooruitgelopen op uitkomst hoofdzaak bij beoordeling vraag of belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave geldbedragen? HR: Op de gronden vermeld in de CAG is het middel terecht voorgesteld. CAG: Rb heeft onderzocht of de gedragingen die aan beslagene worden verweten voldoende blijken uit het dossier en heeft op basis daarvan geoordeeld dat uit de zich thans in het dossier bevindende stukken en het verhandelde in raadkamer blijkt dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter later oordelend, de in beslaggenomen geldbedragen zal verbeurd verklaren. Daarmee is Rb te ver vooruitgelopen op de mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in de hoofdzaak. Beslissing Rb is ontoereikend gemotiveerd.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (5)
- ECLI:NL:PHR:2021:298 Parket bij de Hoge Raad 30-03-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:298 Parket bij de Hoge Raad 30-03-2021
- ECLI:NL:PHR:2019:1033 Parket bij de Hoge Raad 15-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:1033 Parket bij de Hoge Raad 15-10-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:6 Parket bij de Hoge Raad 08-01-2019
Volledige tekst
Volledige tekst (2.283 tekens)
Strafkamer
nr. S 17/03679 B
IV/EC
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Amsterdam van 7 maart 2017, nummer RK 16/6064, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:
[klager]
, gevestigd te [vestigingsplaats].
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door het Openbaar Ministerie. Het heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal T.N.B.M. Spronken heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot zodanige beslissing met betrekking tot terug- of verwijzing als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.
De raadsman van de klager, R. Jonkers, advocaat te Amsterdam, heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van het middel
2.1.
Het middel komt op tegen de gegrondverklaring van het klaagschrift. Het klaagt onder meer dat de Rechtbank bij de beoordeling van de vraag of het belang van strafvordering zich verzet tegen teruggave van de inbeslaggenomen geldbedragen, is vooruitgelopen op de mogelijke uitkomst van een nog te voeren procedure in de hoofdzaak.
2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 3.2 en 3.3 is het middel terecht voorgesteld.
3Slotsom
Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.
4Beslissing
De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden beschikking;
wijst de zaak terug naar de Rechtbank Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.
Deze beschikking is gegeven door de vice-presiden W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en J.C.A.M. Claassens, in bijzijn van de waarnemend griffier A. El Mokhtari, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 mei 2018.