Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2018:249

2018-02-20 Strafrecht 16/02354
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2018-02-20
Publicatiedatum
2018-02-20
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
16/02354
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Antilliaanse zaak. Intrekking cassatieberoep. Het beroep is ingetrokken voordat CAG is genomen. Door een administratieve vergissing is CAG toch genomen. HR verstaat bij arrest dat het beroep is ingetrokken. Samenhang met 16/04417 A (niet gepubliceerd, geen middelen ingediend).

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.644 tekens)
20 februari 2018
Strafkamer
nr. S 16/02354 A
ES

Hoge Raad der Nederlanden


Arrest



op het beroep in cassatie tegen een vonnis van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, van 4 maart 2016, nummer H 86/15, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1993.




1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft D.L.A.M. Pluijmakers, advocaat te Almere, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de strafoplegging, tot vermindering van de straf en tot verwerping van het beroep voor het overige.


2 Intrekking van het beroep




Het beroep is ingetrokken voordat de Advocaat-Generaal ter terechtzitting van de Hoge Raad van 9 januari 2018 zijn conclusie had genomen. Door een administratieve vergissing is deze conclusie toch genomen. De Hoge Raad zal daarom bij arrest verstaan dat dit beroep is ingetrokken.





3Beslissing


De Hoge Raad verstaat dat het beroep is ingetrokken.



Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 20 februari 2018.