Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2018:1889

2018-10-09 Strafrecht 17/00352
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2018-10-09
Publicatiedatum
2018-10-09
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
17/00352
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2018/1141

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Salduz-problematiek. Is verdachte duidelijk gewezen op zijn recht op verhoorbijstand en heeft hij van dat recht ondubbelzinnig afstand gedaan? HR: art. 81.1 RO.CAG: uit de door het Hof vastgestelde f&o kan niet worden afgeleid dat verdachte 'duidelijk gewezen (is) op zijn recht op verhoorbijstand'. Het middel is in zoverre terecht voorgesteld. Dit leidt echter niet tot cassatie, omdat het verhoor van de verdachte in de onderhavige strafzaak plaatsvond op 4 november 2015 en toentertijd het door de HR erkende recht op verhoorsbijstand nog niet bestond. Beroep op o.m. EHRM Ibrahim e.a./VK (NJ 2017/452); Sitnevskiy en Chaykovskiy/Oekraïne (48016/06 en 7817/07) en HvJ Kolev e.a. (ECLI:EU:C:2018:392) leidt niet tot ander oordeel.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.507 tekens)
9 oktober 2018
Strafkamer
nr. S 17/00352
SG/DAZ


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 18 januari 2017, nummer 21/000835-16, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1983.




1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft S.F.W. van 't Hullenaar, advocaat te Arnhem, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal B.F. Keulen heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.





2Beoordeling van het middel


Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.





3Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 oktober 2018.