Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2018:187
2018-02-06
Strafrecht
16/04181
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2018:187 → ECLI:NL:GHARL:2016:6034 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2018:187 → ECLI:NL:PHR:2017:1521
Inhoudsindicatie
Opzettelijk doen van onjuiste aangifte omzetbelasting en opzettelijk niet ter beschikking stellen van (de inhoud van) boeken, bescheiden en of gegevensdragers. Art. 68.1.b en 69.1 AWR. Falende klacht over niet door b.m. weerlegd uos t.a.v. feit 1 en over ontoereikend bewijs van feit 2. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 16/04180.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:RBOVE:2020:724 Rechtbank Overijssel 20-02-2020
Volledige tekst
Volledige tekst (1.433 tekens)
6 februari 2018
Strafkamer
nr. S 16/04181
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 15 juni 2016, nummer 21/003729-12, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, gevestigd te [vestigingsplaats].
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 februari 2018.
Strafkamer
nr. S 16/04181
AKA
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, van 15 juni 2016, nummer 21/003729-12, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, gevestigd te [vestigingsplaats].
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.J. Baumgardt, advocaat te Rotterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president J. de Hullu als voorzitter, en de raadsheren E.S.G.N.A.I. van de Griend en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P.J. Lugtenburg, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 februari 2018.