Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2017:870

2017-05-12 Civiel recht; Insolventierecht 16/03435
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2017-05-12
Publicatiedatum
2017-05-12
Rechtsgebied
Civiel recht; Insolventierecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
16/03435
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | AR 2017/2445 | RvdW 2017/566

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht; IPR. Bevoegdheid kennis te nemen van faillissementsverzoek. Toepasselijkheid van Insolventieverordening (‘Centre of Main Interests’) of van art. 2 Fw (plaats van statutaire zetel)? Verbod van terugverwijzing door hof. Toestand van te hebben opgehouden te betalen.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.894 tekens)
12 mei 2017
Eerste Kamer
16/03435
TT/IF


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest


in de zaak van:



[eiseres] ,gevestigd te [vestigingsplaats] ,
VERZOEKSTER tot cassatie,
advocaat: mr. J. van Weerden,




t e g e n


1. Mr. Peter Rudolf DEKKER, in zijn hoedanigheid van curator in de faillissementen van Montemagno B.V., Crescendo Leisure Concepts Holding B.V., LHO Beheer B.V., [A] B.V. en LCG Canada Financial Products 1 B.V.,
kantoorhoudende te Rosmalen, gemeente ’s-Hertogenbosch,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. A.C. van Schaick,





2. mr. Philip Willem SCHREURS en mr. Jan Evert STADIG, in de hoedanigheid van curatoren in het faillissement van [betrokkene 1],kantoorhoudende te Eindhoven,
VERWEERDERS in cassatie,
niet verschenen.



Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres], Dekker q.q. en de curatoren.





1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C13/16/171F van de rechtbank Amsterdam van 1 april 2016;
b. het arrest in de zaak 200.189.088 van het gerechtshof Amsterdam van 26 mei 2016;
c. het arrest in de zaak 200.191.955 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 juni 2016.
De arresten van het gerechtshof Amsterdam en het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zijn aan dit arrest gehecht.




2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest en het aanvullend verzoekschrift zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Dekker q.q. heeft verzocht het beroep te verwerpen.
De curatoren hebben geen verweerschrift ingediend.
De zaak is voor Dekker q.q. toegelicht door zijn advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 31 maart 2017 op die conclusie gereageerd.





3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.




4Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.


Dit arrest is gewezen door de vice-president C.A. Streefkerk als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, G. de Groot, T.H. Tanja-van den Broek en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 12 mei 2017.