Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2017:475

2017-03-21 Strafrecht 15/04791
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2017-03-21
Publicatiedatum
2017-03-21
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
15/04791
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2017/410

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Bewaring t.b.v. rechthebbende van motorblok en een frame van een motorfiets, art. 353.2 onder c Sv. (De beslagene is vrijgesproken van opzetheling van de motorfiets en het motorblok, vervolg op HR 14 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:1201.) Middel tegen toepassing door het hof van de maatstaf ex art. 353, tweede lid onder c, Sv. HR: art. 81.1 RO.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.483 tekens)
21 maart 2017
Strafkamer
nr. S 15/04791
LBS/EC


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 8 september 2015, nummer 22/001868-15, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988.




1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft A.R. Kellermann, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.





2Beoordeling van het middel


Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.





3Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 21 maart 2017.