Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2017:357
2017-03-03
Civiel recht
16/03894
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2017:357 → ECLI:NL:GHAMS:2016:1611 bekrachtiging/bevestiging
- cassatie ECLI:NL:HR:2017:357 → ECLI:NL:GHAMS:2016:1779 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2017:357 → ECLI:NL:PHR:2016:1371 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Ondernemingsrecht. Enquêteprocedure. Bezwaren tegen handhaving eerder getroffen onmiddellijke voorziening (benoeming bestuurder) en tegen aanvullende onmiddellijke voorzieningen (benoeming beheerder aan wie aandelen ten titel van beheer moeten worden overgedragen); art. 2:349a BW. Samenhang met 16/01856.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:HR:2020:1593 Hoge Raad 09-10-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:467 Parket bij de Hoge Raad 23-04-2020
Volledige tekst
Volledige tekst (3.120 tekens)
3 maart 2017
Eerste Kamer
16/03894
TT/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. JKS HOLDING B.V.,gevestigd te Amsterdam,
2. STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR D.E.M.,gevestigd te Haarlem,
VERZOEKSTERS tot cassatie, verweersters in het incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. E.M. Tjon-En-Fa,
t e g e n
[verweerder],gevestigd te [woonplaats], Verenigde Staten,
VERWEERDER in cassatie, verzoeker in het incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen.
Verzoeksters zullen hierna gezamenlijk worden aangeduid als als JKS c.s. en verweerder als [verweerder].
1Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikkingen in de zaak 200.172.902/02 OK van de ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 28 april 2016 en 10 mei 2016.
De beschikkingen van de ondernemingskamer zijn aan deze beschikking gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen de beschikkingen van de ondernemingskamer hebben JKS c.s. beroep in cassatie ingesteld. [verweerder] heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld. Het cassatierekest en het verweerschrift tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het principaal cassatieberoep en het incidenteel cassatieberoep.
De advocaat van JKS c.s. heeft bij brief van 1 februari 2017 op die conclusie gereageerd; de advocaat van [verweerder] heeft dat gedaan bij brief van 13 januari 2017.
3Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
in het principale beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt JKS c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 393,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris;
in het incidentele beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verweerder] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van JKS c.s. begroot op € 68,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 3 maart 2017.
Eerste Kamer
16/03894
TT/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Beschikking
in de zaak van:
1. JKS HOLDING B.V.,gevestigd te Amsterdam,
2. STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR D.E.M.,gevestigd te Haarlem,
VERZOEKSTERS tot cassatie, verweersters in het incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. E.M. Tjon-En-Fa,
t e g e n
[verweerder],gevestigd te [woonplaats], Verenigde Staten,
VERWEERDER in cassatie, verzoeker in het incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. F.E. Vermeulen.
Verzoeksters zullen hierna gezamenlijk worden aangeduid als als JKS c.s. en verweerder als [verweerder].
1Het geding in feitelijke instantie
Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikkingen in de zaak 200.172.902/02 OK van de ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam van 28 april 2016 en 10 mei 2016.
De beschikkingen van de ondernemingskamer zijn aan deze beschikking gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen de beschikkingen van de ondernemingskamer hebben JKS c.s. beroep in cassatie ingesteld. [verweerder] heeft incidenteel cassatieberoep ingesteld. Het cassatierekest en het verweerschrift tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het principaal cassatieberoep en het incidenteel cassatieberoep.
De advocaat van JKS c.s. heeft bij brief van 1 februari 2017 op die conclusie gereageerd; de advocaat van [verweerder] heeft dat gedaan bij brief van 13 januari 2017.
3Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
in het principale beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt JKS c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 393,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris;
in het incidentele beroep:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verweerder] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van JKS c.s. begroot op € 68,07 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Deze beschikking is gegeven door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, M.V. Polak, T.H. Tanja-van den Broek en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 3 maart 2017.