Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2017:327

2017-02-28 Strafrecht 15/03427
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2017-02-28
Publicatiedatum
2017-02-28
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
15/03427
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2017/329

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Amsterdamse marktmeester, passieve ambtelijke omkoping, art. 363 Sr. Conclusie AG o.m. over uitspraak EHRM Borg/Malta m.b.t. derden werking Salduz. HR: art. 81.1 RO. Samenhang met 15/03975, 15/04143, 15/04437 en 16/00149.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (1.595 tekens)
28 februari 2017
Strafkamer
nr. S 15/03427
CB/DAZ


Hoge Raad der Nederlanden



Arrest



op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 17 juli 2015, nummer 23/005342-13, in de strafzaak tegen:



[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1955.




1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben G.A. Jansen en Th.O.M. Dieben, beiden advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Het eerste en het derde middel zijn schriftelijk toegelicht.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsvrouwe G.A. Jansen heeft daarop schriftelijk gereageerd.





2Beoordeling van de middelen


De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.





3Beslissing


De Hoge Raad verwerpt het beroep.



Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 februari 2017.