Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2017:238

2017-02-14 Strafrecht 16/01108
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2017-02-14
Publicatiedatum
2017-02-15
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
16/01108
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2017/289 | SR-Updates.nl 2017-0115 | NbSr 2017/91

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

OM-cassatie. Beklag, beslag ex art. 94 Sv en art. 94a Sv op geldbedrag onder klaagster n.a.v. verdenking t.z.v. het aanwezig hebben van een grote hoeveelheid drugs, het voorhanden hebben van vuurwapens en witwassen. Op de gronden die zijn vermeld in de CAG is het middel terecht voorgesteld. CAG: T.a.v. het beslag ex art. 94 Sv heeft de Rb geoordeeld dat het inbeslaggenomen geldbedrag (hoogstwaarschijnlijk) niet voor verbeurdverklaring in aanmerking komt, nu klaagster een met stukken onderbouwde verklaring voor de herkomst van het geldbedrag heeft gegeven. T.a.v. het beslag ex art. 94a Sv heeft de Rb geoordeeld dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter een ontnemingsmaatregel zal opleggen, aangezien het niet duidelijk is hoe met het enkel aanwezig hebben van drugs en wapens en met witwassen inkomsten kunnen worden gegenereerd. Aldus is de Rb vooruitgelopen op het in de hoofdzaak te geven oordeel.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (6)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.346 tekens)
14 februari 2017
Strafkamer
nr. S 16/01108 B
IV/EC


Hoge Raad der Nederlanden



Beschikking



op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, van 19 oktober 2015, nummer RK 15/976, op een klaagschrift als bedoeld in art. 552a Sv, ingediend door:




[klaagster]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1965.





1Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de Officier van Justitie. Deze heeft bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot zodanige beslissing met betrekking tot verwijzen of terugwijzen als de Hoge Raad gepast zal voorkomen.





2Beoordeling van het middel


2.1.
Het middel behelst de klacht dat de Rechtbank ten onrechte, althans onvoldoende gemotiveerd heeft geoordeeld dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter, later oordelend, de verbeurdverklaring van het geldbedrag zal bevelen respectievelijk aan de klaagster de verplichting tot betaling van een geldbedrag ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel zal opleggen.



2.2.
Op de gronden die zijn vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 4.5 tot en met 4.7 is het middel terecht voorgesteld.





3Slotsom


Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden beschikking niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.





4Beslissing


De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden beschikking;
wijst de zaak terug naar de Rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Breda, opdat de zaak op het bestaande klaagschrift opnieuw wordt behandeld en afgedaan.



Deze beschikking is gegeven door de vice-presiden W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren V. van den Brink en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 14 februari 2017.