Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:521
2016-03-29
Strafrecht
15/03418
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2016:521 → ECLI:NL:GHSHE:2015:535 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:521 → ECLI:NL:PHR:2016:155 gevolgd
Inhoudsindicatie
Economische zaak. Vervolg op HR 12 juni 2011, ECLI:HR:NL:2011: BP5971. Art. 2 Diergeneesmiddelenwet (oud). HR: 81.1 RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (1)
- ECLI:NL:PHR:2024:719 Parket bij de Hoge Raad 23-04-2024
Volledige tekst
Volledige tekst (1.469 tekens)
29 maart 2016
Strafkamer
nr. S 15/03418 E
CB/DAZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, Economische Kamer, van 17 februari 2015, nummer 20/003063-11, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, gevestigd te [vestigingsplaats].
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.E. Drenth, advocaat te Breda, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 maart 2016.
Strafkamer
nr. S 15/03418 E
CB/DAZ
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, Economische Kamer, van 17 februari 2015, nummer 20/003063-11, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, gevestigd te [vestigingsplaats].
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R.E. Drenth, advocaat te Breda, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en M.J. Borgers, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 maart 2016.