Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:2875
2016-12-16
Civiel recht
15/03025
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2016:2875 → ECLI:NL:GHSHE:2015:841 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:2875 → ECLI:NL:PHR:2016:1016 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Effectenrecht. Zorgplicht van bank jegens belegger; specifieke risico’s verbonden aan beleggen in short straddles; risicoprofiel van de belegger; causaal verband; vaststelling van de schade.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.638 tekens)
16 december 2016
Eerste Kamer
15/03025
LZ/JS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
F. VAN LANSCHOT BANKIERS N.V.,gevestigd te 's-Hertogenbosch,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk,
t e g e n
1. [verweerder 1],wonende te [woonplaats],
2. [verweerster 2],gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaten: aanvankelijk mr. L. van den Eshof, thans mr. J.P. Heering en mr. J.W. de Jong.
Eiseres zal hierna ook worden aangeduid als Van Lanschot en verweerders als [verweerder] c.s.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 235190/HA ZA 11-1389 van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 23 november 2011 en 19 december 2012;
b. het arrest in de zaak HD 200.124.050/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 10 maart 2015.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Van Lanschot beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor Van Lanschot mede door mr. B.M.H. Fleuren.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Van Lanschot heeft bij brief van 28 oktober 2016 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Van Lanschot in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 848,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, M.V. Polak, C.E. du Perron en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 16 december 2016.
Eerste Kamer
15/03025
LZ/JS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
F. VAN LANSCHOT BANKIERS N.V.,gevestigd te 's-Hertogenbosch,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk,
t e g e n
1. [verweerder 1],wonende te [woonplaats],
2. [verweerster 2],gevestigd te [vestigingsplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaten: aanvankelijk mr. L. van den Eshof, thans mr. J.P. Heering en mr. J.W. de Jong.
Eiseres zal hierna ook worden aangeduid als Van Lanschot en verweerders als [verweerder] c.s.
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 235190/HA ZA 11-1389 van de rechtbank te 's-Hertogenbosch van 23 november 2011 en 19 december 2012;
b. het arrest in de zaak HD 200.124.050/01 van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 10 maart 2015.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Van Lanschot beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor Van Lanschot mede door mr. B.M.H. Fleuren.
De conclusie van de Advocaat-Generaal M.H. Wissink strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Van Lanschot heeft bij brief van 28 oktober 2016 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Van Lanschot in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 848,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren G. Snijders, M.V. Polak, C.E. du Perron en M.J. Kroeze, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 16 december 2016.