Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:2654
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:2654 → ECLI:NL:PHR:2016:1155
Inhoudsindicatie
Jeugdzaak. Instellen beroep in cassatie door middel van (een volmacht in een bijlage bij) een e-mail. Art. 450 Sv. HR herhaalt relevante overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BJ7810 omtrent de wijze van het instellen van het cassatieberoep. Een (kaal) e-mail bericht is niet aan te merken als een schriftelijke volmacht, ELCI:NL:HR:2015:3253. Maar: een, als bijlage bij een e-mail gevoegde, brief moet als een schriftelijke volmacht worden aangemerkt als deze voldoet aan de in ECLI:NL:HR:2009:BJ7810 gestelde eisen aan een dergelijke volmacht en deze e-mail met bijlage is verzonden naar een e-mail adres dat door het gerecht is aangewezen voor communicatie met de griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken. Indien een gerecht de mogelijkheid openstelt om d.m.v. een e-mail een rechtsmiddel te kunnen aanwenden, verdient het aanbeveling dat de medewerker van de griffie een uitdraai maakt van het e-mailbericht met vermelding van dag en uur van ontvangst alsmede van de bijlage bij dat e-mailbericht en dat hecht aan de akte instellen rechtsmiddel. Indien een gerecht die mogelijkheid niet wil bieden, kan dat voor het gerecht aanleiding zijn om de mogelijkheid van communicatie per e-mail met de griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken niet (langer) open te stellen. Opmerking verdient nog dat de Wet digitale processtukken Sv (Stb. 2016,90) zal voorzien in de mogelijkheid om een volmacht over te dragen m.b.v. een “elektronische voorziening” en dat art. 450 Sv zal worden aangepast. Het gerecht i.c. kent of kende de mogelijkheid om per e-mail te communiceren met griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken en de volmacht voldoet aan de eisen. I.c. heeft de griffiemedewerker verzuimd om dag en uur van ontvangst aan te tekenen, waarin de HR aanleiding vindt het beroep ontvankelijk te achten. De HR stelt de AG in de gelegenheid om alsnog inhoudelijk op de middelen in te gaan en houdt iedere verdere beslissing aan.
Citeert (3)
- ECLI:NL:HR:2009:BJ7810 Hoge Raad 22-12-2009
- ECLI:NL:HR:2015:3253 Hoge Raad 10-11-2015
- ECLI:NL:HR:2009:BJ7810 Hoge Raad 22-12-2009
Geciteerd door (66)
- ECLI:NL:PHR:2025:1264 Parket bij de Hoge Raad 18-11-2025
- ECLI:NL:PHR:2025:1058 Parket bij de Hoge Raad 07-10-2025
- ECLI:NL:PHR:2025:814 Parket bij de Hoge Raad 09-09-2025
- ECLI:NL:PHR:2025:701 Parket bij de Hoge Raad 24-06-2025
- ECLI:NL:PHR:2025:700 Parket bij de Hoge Raad 24-06-2025
- ECLI:NL:PHR:2024:1247 Parket bij de Hoge Raad 03-12-2024
- ECLI:NL:PHR:2023:1177 Parket bij de Hoge Raad 19-12-2023
- ECLI:NL:PHR:2023:1179 Parket bij de Hoge Raad 19-12-2023
- ECLI:NL:PHR:2023:1178 Parket bij de Hoge Raad 19-12-2023
- ECLI:NL:PHR:2023:718 Parket bij de Hoge Raad 05-09-2023
- ECLI:NL:PHR:2023:534 Parket bij de Hoge Raad 30-05-2023
- ECLI:NL:PHR:2023:534 Parket bij de Hoge Raad 30-05-2023
- ECLI:NL:PHR:2023:534 Parket bij de Hoge Raad 30-05-2023
- ECLI:NL:PHR:2022:1252 Parket bij de Hoge Raad 29-11-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:1252 Parket bij de Hoge Raad 29-11-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:1252 Parket bij de Hoge Raad 29-11-2022
- ECLI:NL:HR:2022:1568 Hoge Raad 01-11-2022
- ECLI:NL:HR:2022:1568 Hoge Raad 01-11-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:860 Parket bij de Hoge Raad 27-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:772 Parket bij de Hoge Raad 13-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:772 Parket bij de Hoge Raad 13-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:772 Parket bij de Hoge Raad 13-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:772 Parket bij de Hoge Raad 13-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:706 Parket bij de Hoge Raad 30-08-2022
- ECLI:NL:HR:2022:909 Hoge Raad 21-06-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:481 Parket bij de Hoge Raad 24-05-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:481 Parket bij de Hoge Raad 24-05-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:391 Parket bij de Hoge Raad 10-05-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:391 Parket bij de Hoge Raad 10-05-2022
- ECLI:NL:GHARL:2022:1321 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 22-02-2022
- ECLI:NL:PHR:2022:3 Parket bij de Hoge Raad 11-01-2022
- ECLI:NL:GHARL:2021:11841 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 27-12-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:11842 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 27-12-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:1140 Parket bij de Hoge Raad 14-12-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:1140 Parket bij de Hoge Raad 14-12-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:10938 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 26-11-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:1030 Parket bij de Hoge Raad 02-11-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:1031 Parket bij de Hoge Raad 02-11-2021
- ECLI:NL:GHAMS:2021:3111 Gerechtshof Amsterdam 19-10-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:798 Parket bij de Hoge Raad 14-09-2021
- ECLI:NL:PHR:2021:345 Parket bij de Hoge Raad 06-04-2021
- ECLI:NL:HR:2021:368 Hoge Raad 16-03-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:1868 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 01-03-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:1867 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 01-03-2021
- ECLI:NL:PHR:2020:1275 Parket bij de Hoge Raad 08-12-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:1275 Parket bij de Hoge Raad 08-12-2020
- ECLI:NL:GHARL:2020:9790 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-11-2020
- ECLI:NL:GHARL:2020:9790 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 30-11-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:750 Parket bij de Hoge Raad 08-09-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:260 Parket bij de Hoge Raad 31-03-2020
- ECLI:NL:PHR:2019:391 Parket bij de Hoge Raad 16-04-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:38 Parket bij de Hoge Raad 15-01-2019
- ECLI:NL:PHR:2019:38 Parket bij de Hoge Raad 15-01-2019
- ECLI:NL:GHARL:2018:9579 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 02-11-2018
- ECLI:NL:GHARL:2018:9579 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 02-11-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:1078 Parket bij de Hoge Raad 02-10-2018
- ECLI:NL:HR:2018:1049 Hoge Raad 03-07-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:489 Parket bij de Hoge Raad 20-03-2018
- ECLI:NL:PHR:2017:1028 Parket bij de Hoge Raad 29-08-2017
- ECLI:NL:PHR:2017:1028 Parket bij de Hoge Raad 29-08-2017
Wetsverwijzingen
Volledige tekst
Volledige tekst (9.129 tekens)
Strafkamer
nr. S 15/00332 J
KD/IV
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 24 december 2014, nummer 23/003549-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft J. Kuijper, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur en aanvullende schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schrifturen zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep.
De raadsvrouwe heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
2.1.1.
Tot de aan de Hoge Raad gezonden stukken van het geding behoort een door de griffier van het Gerechtshof Amsterdam en de comparant ondertekende "Akte rechtsmiddel", inhoudende:
"Parketnummer: 23-003549-14
Op 16 januari 2015 kwam ter griffie van dit gerechtshof [betrokkene 1] , waarnemend griffier bij het Gerechtshof te Amsterdam, die daartoe gemachtigd blijkens de aan deze akte gehechte volmacht
naam [verdachte]
voornamen [...]
geboren [geboortedatum] 1995 te [geboorteplaats]
wonende [a-straat 1] , [plaats]
die verklaarde beroep in CASSATIE IN TE STELLEN tegen het arrest d.d. 24 december 2014,
alsmede tegen alle ter terechtzitting genomen tussenbeslissingen."
2.1.2.
Aan deze akte is gehecht een als bijlage bij een per e-mail verzonden brief, gericht aan het "Gerechtshof Amsterdam t.a.v. een van de medewerkers van de strafgriffie", inhoudende:
"Per e-mail: [email protected]
29 december 2014
Inzake: [verdachte] /OM
Betreft: Volmacht instellen cassatie
Parketnummer: 23-003549-14
Geachte heer of mevrouw,
Ondergetekende is door zijn cliënt (verdachte in bovenvermelde strafzaak), [verdachte] , bepaaldelijk gevolmachtigd tot het aantekenen van cassatie tegen de uitspraak van het gerechtshof te Amsterdam d.d. 24 december 2014.
Ik geef u hierbij bijzondere volmacht aan u in uw hoedanigheid van griffiemedewerker om namens cliënte cassatie in te stellen, daartoe akte op maken en deze namens cliënt te ondertekenen en de daaraan verbonden gerechtelijke mededelingen in ontvangst te nemen.
Deze mededelingen kunnen worden gezonden naar:
Coumans & Van Gaalen Strafrechtadvocaten
Ter attentie van mr. M.L. van Gaalen
Pieter Braaijweg 85
1114 AJ Amsterdam-Duivendrecht
Een afschrift van de door u opgemaakte akte verzoek ik u te faxen naar het faxnummer van ons kantoor zoals dat vermeld is op deze brief.
Gaarne verneem ik van u.
Hoogachtend,
M.L. van Gaalen ."
2.2.
Art. 450, eerste tot en met derde lid, Sv luidt, voor zover hier van belang:
"1. Het aanwenden van de rechtsmiddelen, bedoeld in artikel 449, kan ook geschieden door tussenkomst van:
a. een advocaat, indien deze verklaart daartoe door degene die het rechtsmiddel aanwendt, bepaaldelijk te zijn gevolmachtigd;
b. een vertegenwoordiger die daartoe persoonlijk, door degene die het rechtsmiddel aanwendt, bij bijzondere volmacht schriftelijk is gemachtigd.
2. Indien de overeenkomstig het eerste lid gemachtigde hoger beroep tegen de einduitspraak instelt, brengt de machtiging tevens mede dat de gemachtigde de oproeping van de verdachte voor de terechtzitting in hoger beroep in ontvangst neemt.
3. Aan een schriftelijke bijzondere volmacht, verleend aan een medewerker ter griffie, tot het voor de verdachte aanwenden van het rechtsmiddel wordt slechts gevolg gegeven indien de verdachte daarbij instemt met het door deze medewerker ter griffie van het gerecht waar het rechtsmiddel wordt ingesteld voor de verdachte aanstonds in ontvangst nemen van de oproeping. De verdachte geeft een adres op voor de ontvangst van een afschrift van de dagvaarding."
2.3.
In zijn arrest van 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7810, NJ 2010/102, rov 3.5, heeft de Hoge Raad beslist dat een door de verdachte bepaaldelijk gevolmachtigde advocaat op de wijze van art. 450, derde lid, Sv beroep in cassatie kan instellen door middel van het verlenen van een daartoe strekkende schriftelijke bijzondere volmacht aan een griffiemedewerker. Een e-mailbericht is niet zo een schriftelijke volmacht (vgl. HR 10 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3253, NJ 2015/473).
Een als bijlage bij een e-mail gevoegde brief, inhoudende een schriftelijke volmacht waarmee een advocaat een griffiemedewerker machtigt om namens de verdachte een rechtsmiddel aan te wenden, moet echter wel als zo een schriftelijke volmacht worden aangemerkt, mits:
(i) het e-mailbericht, met bijlage, is verzonden naar een e-mailadres dat door het gerecht is aangewezen voor communicatie met de griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken en
(ii) de schriftelijke volmacht voldoet aan de in HR 22 december 2009, ECLI:NL:HR:2009:BJ7810, NJ 2010/102 geformuleerde eisen.
2.4.
In het onderhavige geval gaat het om een als bijlage bij een e-mail gevoegde brief, inhoudende een schriftelijke volmacht waarmee een advocaat een griffiemedewerker machtigt om namens de verdachte een rechtsmiddel aan te wenden, die voldoet aan de in voormeld arrest geformuleerde eisen, waarbij die e-mail is verzonden naar het e-mailadres dat door het gerecht is aangewezen voor communicatie met griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken. Zo een bijlage dient als een rechtsgeldige volmacht tot de instelling van een rechtsmiddel te worden beschouwd.
2.5.1.
De griffiemedewerker heeft verzuimd dag en uur van ontvangst op voormelde brief aan te tekenen. Daarin vindt de Hoge Raad aanleiding de verdachte ontvankelijk te achten in het cassatieberoep.
2.5.2.
Opmerking verdient dat in gevallen waarin het gerecht de mogelijkheid van communicatie per e-mail met de griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken heeft opengesteld het, teneinde onzekerheid te vermijden over het tijdstip waarop het rechtsmiddel is aangewend, aanbeveling verdient dat de medewerker van de griffie een uitdraai van het e-mailbericht, met vermelding van dag en uur van ontvangst, alsmede van de bijlage bij dat e-mailbericht hecht aan de akte instellen rechtsmiddel.
2.6.
Opmerking verdient voorts dat de Wet digitale processtukken Strafvordering (Stb. 2016, 90) zal voorzien in de mogelijkheid om een volmacht over te dragen met behulp van een "elektronische voorziening" als bedoeld in art. 450, vierde lid (nieuw), Sv. Deze bepaling luidt met ingang van de datum van inwerkingtreding van die wet:
"De volmacht, bedoeld in het derde lid, kan worden overgedragen met behulp van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen elektronische voorziening. De ontvangst van de volmacht wordt bevestigd. Als de dag en het tijdstip waarop de volmacht is ontvangen gelden de dag en het tijdstip van vastlegging van de volmacht in de aangewezen elektronische voorziening. De volmacht wordt bij de processtukken gevoegd. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over het gebruik van de elektronische voorziening."
Indien door een gerecht daadwerkelijk de mogelijkheid is opengesteld door middel van de bovengenoemde elektronische voorziening een rechtsmiddel aan te wenden, kan dat voor dat gerecht aanleiding zijn om de mogelijkheid van communicatie per e-mail met de griffiemedewerkers inzake de aanwending van rechtsmiddelen in strafzaken niet (langer) open te stellen.
3Slotsom
De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat de verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep en heeft zich niet uitgelaten over de voorgestelde middelen.
De Hoge Raad is van oordeel dat de Advocaat-Generaal daartoe alsnog in de gelegenheid behoort te worden gesteld. Met het oog daarop dient de zaak naar de rolzitting te worden verwezen.
4Beslissing
De Hoge Raad:verwijst de zaak naar de rolzitting van 6 december 2016;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 november 2016.