Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2016:1516

2016-07-08 Civiel recht 16/01344
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2016-07-08
Publicatiedatum
2016-07-12
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
16/01344
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JWB 2016/2280 | RvdW 2016/871 | Module Nationaliteitsrecht 2016/836

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. Nationaliteitsrecht. Art. 17 Rijkswet Nederlanderschap. Formele rechtskracht van besluit tot intrekking Nederlanderschap.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (2.344 tekens)
8 juli 2016
Eerste Kamer
16/01344
LZ/AS


Hoge Raad der Nederlanden

Beschikking


in de zaak van:



[verzoeker],wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. M.A.R. Schuckink Kool,




t e g e n




STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Veiligheid en Justitie, Immigratie- en Naturalisatiedienst),zetelende te Den Haag,
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.




Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als verzoeker en de Staat.





1Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/09/491793 / HA RK 15-277 van de rechtbank Den Haag van 10 december 2015.
De beschikking van de rechtbank is aan deze de beschikking gehecht.





2Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft verzoeker beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest en het aanvullend rekest zijn aan deze beschikking gehecht en maken daarvan deel uit.
Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot het niet-ontvankelijk verklaren van het cassatieberoep op de voet van art. 80a RO.
De advocaat van verzoeker heeft bij brief van 25 mei 2016 op dit standpunt gereageerd.







3Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 4).
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.





4Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.


Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en C.E. du Perron, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 8 juli 2016.