Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2016:1021
2016-05-31
Strafrecht
15/03372
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2016:1021 → ECLI:NL:PHR:2016:436 gevolgd
Inhoudsindicatie
Valsheid in geschrift, art. 225 Sr. Falende bewijsklacht. CAG: een factuur komt niet overeen met de werkelijkheid wanneer daaruit de doorbelasting van door derden gedane werkzaamheden niet blijkt. HR: 81.1 RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (8)
- ECLI:NL:PHR:2020:401 Parket bij de Hoge Raad 21-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:41 Parket bij de Hoge Raad 21-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:402 Parket bij de Hoge Raad 21-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:38 Parket bij de Hoge Raad 21-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:44 Parket bij de Hoge Raad 21-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2020:46 Parket bij de Hoge Raad 21-01-2020
- ECLI:NL:PHR:2018:89 Parket bij de Hoge Raad 06-02-2018
- ECLI:NL:PHR:2018:90 Parket bij de Hoge Raad 06-02-2018
Volledige tekst
Volledige tekst (1.464 tekens)
31 mei 2016
Strafkamer
nr. S 15/03372
AJ/AGE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 1 mei 2015, nummer 22/002399-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1952.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R. de Bree, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 mei 2016.
Strafkamer
nr. S 15/03372
AJ/AGE
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Den Haag van 1 mei 2015, nummer 22/002399-14, in de strafzaak tegen:
[verdachte]
, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1952.
1Geding in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R. de Bree, advocaat te 's-Gravenhage, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal P.C. Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.
2Beoordeling van het middel
Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
3Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren H.A.G. Splinter-van Kan en Y. Buruma, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 mei 2016.