Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2015:400
2015-02-20
Civiel recht
14/02552
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2015:400 → ECLI:NL:GHSHE:2014:220 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2015:400 → ECLI:NL:PHR:2015:84 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Beëindiging huurovereenkomst bedrijfsruimte (met eerste recht van koop) wegens dringend eigen gebruik, art. 7:296 lid 1 BW. Belangenafweging, art. 7:296 lid 3 BW. Mocht huurder erop vertrouwen winkelpand uiteindelijk te kunnen kopen? Uitleg overeenkomst, betekenis voorkeursrecht.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.629 tekens)
20 februari 2015
Strafkamer
nr. 14/02552
EV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
INTRAHOF GOUDA B.V.,gevestigd te Gouda,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.A. Fruytier,
t e g e n
[verweerder],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Intrahof en [verweerder].
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 237753/12-2106 van de kantonrechter te Middelburg, rechtbank Zeeland-West-Brabant, van 14 januari 2013;
b. het arrest in de zaak HD 200.125.747/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 4 februari 2014.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Intrahof beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De zaak is voor Intrahof toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep met bepaling van de beëindigings- en ontruimingsdatum van de huurovereenkomst.
De advocaat van Intrahof heeft bij brief van 30 januari 2015 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu de datum waarop het hof het einde van de huurovereenkomst heeft bepaald, is verstreken, zal de Hoge Raad een nieuwe datum bepalen.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
bepaalt dat de huurovereenkomst met betrekking tot het pand aan de [a-straat 1] te [plaats] op 1 juni 2015 eindigt en dat Intrahof uiterlijk op die datum het gehuurde dient te ontruimen;
veroordeelt Intrahof in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 20 februari 2015.
Strafkamer
nr. 14/02552
EV/EE
Hoge Raad der Nederlanden
INTRAHOF GOUDA B.V.,gevestigd te Gouda,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P.A. Fruytier,
t e g e n
[verweerder],wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Intrahof en [verweerder].
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak 237753/12-2106 van de kantonrechter te Middelburg, rechtbank Zeeland-West-Brabant, van 14 januari 2013;
b. het arrest in de zaak HD 200.125.747/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 4 februari 2014.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof heeft Intrahof beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen [verweerder] is verstek verleend.
De zaak is voor Intrahof toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep met bepaling van de beëindigings- en ontruimingsdatum van de huurovereenkomst.
De advocaat van Intrahof heeft bij brief van 30 januari 2015 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu de datum waarop het hof het einde van de huurovereenkomst heeft bepaald, is verstreken, zal de Hoge Raad een nieuwe datum bepalen.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
bepaalt dat de huurovereenkomst met betrekking tot het pand aan de [a-straat 1] te [plaats] op 1 juni 2015 eindigt en dat Intrahof uiterlijk op die datum het gehuurde dient te ontruimen;
veroordeelt Intrahof in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.V. Polak op 20 februari 2015.