Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2015:3562

2015-12-11 Civiel recht 15/04166
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2015-12-11
Publicatiedatum
2015-12-10
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
15/04166
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2016/57 | JWB 2015/433

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. WSNP. Toelating; aannemelijkheid van behoorlijke nakoming van verplichtingen (art. 288 lid 1 onder b Fw); verslavingsproblematiek; discriminatieverbod.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.085 tekens)
11 december 2015
Eerste Kamer
15/04166
EE/LZ


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest


in de zaak van:




[verzoeker] ,wonende te [woonplaats] ,
VERZOEKER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos.




Verzoeker zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] .





1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C/15/224308/FT RK 15/806 van de rechtbank Noord-Holland van 11 juni 2015;
b. het arrest in de zaak 200.171.932/01 van het gerechtshof Amsterdam van 1 september 2015.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.




2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot toepassing van art. 80a lid 1 RO.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 12 november 2015 op dit standpunt gereageerd.





3Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 3-7).
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.





4Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, M.V. Polak en V. van den Brink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 11 december 2015.