Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2015:176
2015-01-30
Bestuursrecht; Belastingrecht
14/04996
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2015:176 → ECLI:NL:CRVB:2014:2903
Inhoudsindicatie
HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (7)
- ECLI:NL:PHR:2016:583 Parket bij de Hoge Raad 19-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:594 Parket bij de Hoge Raad 05-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:567 Parket bij de Hoge Raad 05-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:584 Parket bij de Hoge Raad 05-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:234 Parket bij de Hoge Raad 05-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:233 Parket bij de Hoge Raad 05-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:602 Parket bij de Hoge Raad 05-04-2016
Volledige tekst
Volledige tekst (1.296 tekens)
30 januari 2015
Nr. 14/04996
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 2 september 2014, nrs. 13/2976 WWB en 13/4804 WWB, betreffende een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Deurne ingevolge de Wet werk en bijstand.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.
2Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 30 januari 2015.
Nr. 14/04996
Arrest
gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 2 september 2014, nrs. 13/2976 WWB en 13/4804 WWB, betreffende een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Deurne ingevolge de Wet werk en bijstand.
1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie
De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.
De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.
2Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren M.A. Fierstra en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 30 januari 2015.