Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2015:1733

2015-06-26 Civiel recht 15/01399
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2015-06-26
Publicatiedatum
2015-06-25
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
15/01399
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | JWB 2015/244 | RvdW 2015/813

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 80a lid 1 RO. Executiegeschil. Kracht van gewijsde vonnis in kort van geding. Auteursrechtelijk beschermd werk?

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.601 tekens)
26 juni 2015
Eerste Kamer
15/01399
LZ/AS

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:



[eiser],
wonende te [woonplaats],

EISER tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos,



t e g e n



1. TEAM10 B.V.,
2. [verweerster 2],
3. [verweerster 3],
4. [verweerster 4],
allen gevestigd te [plaats],
VERWEERSTERS in cassatie,
niet verschenen.



Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Team10 c.s.





1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C/13/551300/KG ZA 13-1230 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam van 24 oktober 2013;
b. het arrest in de zaak 200.138.866/01 KG van het gerechtshof Amsterdam van 14 oktober 2014.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.




2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
Tegen Team10 c.s. is verstek verleend.
Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot niet-ontvankelijk verklaring van het cassatieberoep op de voet van art. 80a RO.
De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 11 juni 2015 op dit standpunt gereageerd.



3 Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 3 - 7).
De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren.





4Beslissing

De Hoge Raad:
verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk;
veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Team10 c.s. begroot op nihil.



Dit arrest is gewezen door de raadsherenA.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, G. Snijders en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 26 juni 2015.