Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2014:2721

2014-09-19 Bestuursrecht; Belastingrecht 14/00577
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2014-09-19
Publicatiedatum
2014-09-18
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Belastingrecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
14/00577
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

HR: 81.1 RO.

Citeert (2)

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (1.768 tekens)
19 september 2014
Nr. 14/00577

Arrest


gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 19 december 2013, nr. 11/00794, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank te Breda (nr. AWB 10/4734) betreffende de aan belanghebbende over het jaar 2000 opgelegde navorderingsaanslag in de vermogensbelasting, de daarbij gegeven boetebeschikking en de daarbij gegeven beschikking inzake heffingsrente.





1Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal middelen voorgesteld.
De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.
Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.




2Beoordeling van de middelen
De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling (vgl. HR 28 maart 2014, nr. 13/03554, ECLI:NL:HR:2014:689, BNB 2014/137, en HR 2 mei 2014, nr. 13/04723, ECLI:NL:HR:2014:1032, BNB 2014/139).



3Proceskosten
De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.



4Beslissing
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond.


Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 19 september 2014.