Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2014:1058

2014-05-02 Civiel recht; Insolventierecht 13/03220
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2014-05-02
Publicatiedatum
2014-05-01
Rechtsgebied
Civiel recht; Insolventierecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
13/03220
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2014/652 | JWB 2014/225

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Privéfaillissement. Schorsing behandeling faillissementsaanvraag teneinde eerst te beslissen omtrent toelating WSNP? Art. 3 Fw; art. 3a Fw; art. 15b Fw. Is rechtbank nalatig geweest in informeren omtrent de mogelijkheid tot aanvraag WSNP? Is verzoek tot toelating tijdig gedaan?

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.265 tekens)
2 mei 2014
Eerste Kamer
nr. 13/03220
LZ

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:



[verzoeker],wonende te [woonplaats], Zwitserland,
VERZOEKER tot cassatie,
advocaten: mr. H.H.M. Meijroos en mr. J. van Weerden,



t e g e n



ABN AMRO BANK N.V.,gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie,
advocaat: mr. B.T.M. van der Wiel.




Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en de Bank.





1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. het vonnis in de zaak C/01/260045/FT-RK 13.363 met faillissementsnummer 01/13/374F van de rechtbank Oost-Brabant van 16 april 2013;
b. het arrest in de zaak HV 200.125.876/01 van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 20 juni 2013.
Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.




2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest en het aanvullend cassatierekest zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, alsmede door mr. A. van Loon, advocaat te Amsterdam, voor de Bank.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 14 maart 2014 op die conclusie gereageerd.





3Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.




4Beslissing
De Hoge Raad verwerpt het beroep.


Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 2 mei 2014.