Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2013:CA1728

2013-07-12 Civiel recht; Insolventierecht 12/02028
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2013-07-12
Publicatiedatum
2013-06-22
Rechtsgebied
Civiel recht; Insolventierecht
Procedure
Artikel 81 RO-zaken
Zaaknummer
12/02028
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2013/893 | RI 2014/11 | JWB 2013/365

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Onrechtmatige daad. Zekerheidsverlening kort vóór faillissement. Faillissementspauliana; art. 42 Fw. Goede trouw als bedoeld in art. 51 lid 2 Fw.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (0)

  • geen

Volledige tekst

Volledige tekst (2.967 tekens)
12 juli 2013
Eerste Kamer
nr. 12/02028
RM/DH

Hoge Raad der Nederlanden

Arrest

in de zaak van:


Mr. Jasper Paulus Maria BORSBOOM, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van[A]B.V.,kantoorhoudende te Barendrecht,
EISER tot cassatie, verweerder in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. H.J.W. Alt,



t e g e n



ING BANK N.V. ,gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep,
advocaat: mr. B.T.M. van der Wiel.



Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de curator en de bank.





1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:


de vonnissen in de zaak 242580/HA ZA 05-2064 van de rechtbank Rotterdam van 19 juli 2006 en 1 oktober 2008;


de arresten in de zaak 200.017.031/01 van het gerechtshof te ´s-Gravenhage van 14 september 2010 en 29 november 2011.


Het arrest van het hof van 29 november 2011 is aan dit arrest gehecht.




2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 29 november 2011 heeft de curator beroep in cassatie ingesteld.De bank heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld. De cassatiedagvaarding en de conclusie van antwoord tevens houdende incidenteel cassatieberoep zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de bank mede door mr. A. van Loon, advocaat te Amsterdam
De conclusie van de waarnemend Advocaat-Generaal A. Hammerstein strekt tot verwerping van het principale beroep.





3Beoordeling van het middel in het principale beroep

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Nu het middel in het principale beroep faalt, komt het voorwaardelijk ingestelde incidentele beroep niet aan de orde.





4Beslissing

De Hoge Raad:
verwerpt het principale beroep;
veroordeelt de curator in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de bank begroot op € 6.118,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.

Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp en M.V. Polak, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 12 juli 2013.