Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2013:859
2013-10-04
Civiel recht
13/00726
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2013:859 → ECLI:NL:GHSHE:2010:5010 bekrachtiging/bevestiging
- cassatie ECLI:NL:HR:2013:859 → ECLI:NL:GHSHE:2012:4126 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2013:859 → ECLI:NL:PHR:2013:756 gevolgd
Inhoudsindicatie
Art. 81 lid 1 RO. Koop woonhuis. Beroep op dwaling; art. 6:228 BW. Mededelingsplicht? Peilmoment sluiten overeenkomst. Belang bij reconventionele vorderingen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.478 tekens)
4 oktober 2013
Eerste Kamer
nr. 13/00726
LZ/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [verzoeker 1],
2. [verzoekster 2],beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij,
t e g e n
[verweerder],zonder vaste woon- of verblijfplaats,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekers] en [verweerder].
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 213007/HA ZA 09-2296 van de rechtbank Breda van 31 maart 2010 en 21 juli 2010;
b. de arresten in de zaak 200.074.526 en 200.074.526/01 van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 23 november 2010 en 25 september 2012.
De arresten van het hof van zijn aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 25 september 2012 hebben [verzoekers] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor [verweerder] toegelicht door zijn advocaat, alsmede door mr. F.M. Dekker, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [verzoekers] heeft bij brief van 6 september 2013 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoekers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, G. Snijders en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth 4 oktober 2013.
Eerste Kamer
nr. 13/00726
LZ/TT
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [verzoeker 1],
2. [verzoekster 2],beiden wonende te [woonplaats],
VERZOEKERS tot cassatie,
advocaat: mr. J.H.M. van Swaaij,
t e g e n
[verweerder],zonder vaste woon- of verblijfplaats,
VERWEERDER in cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekers] en [verweerder].
1Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 213007/HA ZA 09-2296 van de rechtbank Breda van 31 maart 2010 en 21 juli 2010;
b. de arresten in de zaak 200.074.526 en 200.074.526/01 van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 23 november 2010 en 25 september 2012.
De arresten van het hof van zijn aan dit arrest gehecht.
2Het geding in cassatie
Tegen het arrest van het hof van 25 september 2012 hebben [verzoekers] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor [verweerder] toegelicht door zijn advocaat, alsmede door mr. F.M. Dekker, advocaat bij de Hoge Raad.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [verzoekers] heeft bij brief van 6 september 2013 op die conclusie gereageerd.
3Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [verzoekers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren C.A. Streefkerk, als voorzitter, G. Snijders en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth 4 oktober 2013.