Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2012:BW6744
2012-07-13
Civiel recht
11/01859
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- cassatie ECLI:NL:HR:2012:BW6744 → ECLI:NL:GHSGR:2010:BN4180 bekrachtiging/bevestiging
- conclusie ECLI:NL:HR:2012:BW6744 → ECLI:NL:PHR:2012:BW6744
Inhoudsindicatie
Art. 81 RO. Goederenrecht. Beroep op verkrijgende verjaring ten aanzien van een stuk grond; art. 3:105 BW. Procesrecht; afwijzing (tweede) verzoek om pleidooi in appel.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (10)
- ECLI:NL:PHR:2025:1238 Parket bij de Hoge Raad 14-11-2025
- ECLI:NL:PHR:2024:804 Parket bij de Hoge Raad 02-08-2024
- ECLI:NL:PHR:2023:380 Parket bij de Hoge Raad 31-03-2023
- ECLI:NL:PHR:2022:876 Parket bij de Hoge Raad 30-09-2022
- ECLI:NL:PHR:2021:980 Parket bij de Hoge Raad 15-10-2021
- ECLI:NL:GHARL:2021:4762 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 18-05-2021
- ECLI:NL:PHR:2016:532 Parket bij de Hoge Raad 17-06-2016
- ECLI:NL:PHR:2016:198 Parket bij de Hoge Raad 01-04-2016
- ECLI:NL:PHR:2015:692 Parket bij de Hoge Raad 22-05-2015
- ECLI:NL:PHR:2015:570 Parket bij de Hoge Raad 01-05-2015
Volledige tekst
Volledige tekst (2.459 tekens)
13 juli 2012
Eerste Kamer
11/01859
TT/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering en mr. L. Kelkensberg.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 69312/HA ZA 07-2178 van de rechtbank Dordrecht van 30 mei 2007 en 21 mei 2008;
b. de arresten in de zaak 200.010.004/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 15 december 2009, 17 augustus 2010 en 21 december 2010.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 8 juni 2012 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 365,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren J.C. van Oven, F.B. Bakels, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 juli 2012.
Eerste Kamer
11/01859
TT/IF
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
1. [Eiser 1],
2. [Eiseres 2],
beiden wonende te [woonplaats],
EISERS tot cassatie,
advocaat: mr. P.J.L.J. Duijsens,
t e g e n
1. [Verweerder 1],
2. [Verweerster 2],
beiden wonende te [woonplaats],
VERWEERDERS in cassatie,
advocaat: mr. J.P. Heering en mr. L. Kelkensberg.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 69312/HA ZA 07-2178 van de rechtbank Dordrecht van 30 mei 2007 en 21 mei 2008;
b. de arresten in de zaak 200.010.004/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 15 december 2009, 17 augustus 2010 en 21 december 2010.
De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen de arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het beroep.
De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 8 juni 2012 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen
De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 365,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.
Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren J.C. van Oven, F.B. Bakels, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 juli 2012.