Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Hoge Raad

ECLI:NL:HR:2011:BR0453

2011-10-11 Strafrecht 10/00609
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Uitspraakdatum
2011-10-11
Publicatiedatum
2013-04-05
Rechtsgebied
Strafrecht
Procedure
Cassatie
Zaaknummer
10/00609
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl | RvdW 2011/1273 | NJB 2011/1955

Formele procesketen

Inhoudsindicatie

Ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep. Bij de stukken bevindt zich een mededeling uitspraak met daaraan gehecht een akte van uitreiking die inhoudt dat na vergeefse aanbieding die mededeling is teruggezonden aan de afzender. Nu zich bij de stukken geen andere akte van uitreiking bevindt, is het oordeel van het Hof dat blijkens de akte van uitreiking de mededeling van het vonnis in persoon is betekend niet begrijpelijk.

Citeert (0)

  • geen

Geciteerd door (1)

Volledige tekst

Volledige tekst (3.232 tekens)
11 oktober 2011
Strafkamer
nr. 10/00609


Hoge Raad der Nederlanden

Arrest


op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 20 januari 2010, nummer 23/005528-09, in de strafzaak tegen:
[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1977, wonende te [woonplaats].


1. Geding in cassatie


Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. V.C. van der Velde, advocaat te Almere, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
De Advocaat-Generaal Vegter heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.


2. Beoordeling van het middel

2.1. Het middel bevat de klacht dat het Hof de verdachte ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd niet-ontvankelijk heeft verklaard in zijn hoger beroep tegen het vonnis van de Kantonrechter.


2.2. Bij de stukken van het geding bevinden zich:
a) een akte van uitreiking, gehecht aan het dubbel van de dagvaarding van de verdachte om op 28 maart 2006 te verschijnen op de terechtzitting van de Kantonrechter in het arrondissement Haarlem zittinghoudende te Zaandam, inhoudende dat nadat op 16 december 2005 tevergeefs is geprobeerd om de dagvaarding uit te reiken op het adres [a-straat 1] te [woonplaats] die dagvaarding is uitgereikt aan de griffier en door deze een afschrift is verzonden naar dat adres;
(b) een aantekening mondeling vonnis van de Kantonrechter van 28 maart 2006, waarbij de verdachte wegens overtreding van artikel 30, vierde lid, WAM bij verstek is veroordeeld tot twee weken hechtenis en ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van zes maanden;
(c) een mededeling uitspraak betreffende voornoemd vonnis, met daaraan gehecht een akte van uitreiking, die inhoudt dat die mededeling, na vergeefse aanbieding op het adres [a-straat 1] te [woonplaats] op 3 mei 2006 is teruggezonden aan de afzender;
(d) een GBA overzicht van 15 mei 2006, inhoudende dat de verdachte vanaf 11 mei 2004 heeft ingeschreven gestaan op het adres [a-straat 1] te [woonplaats] en van hem sinds 30 januari 2006 geen vaste woon- of verblijfplaats bekend is.


2.3. Nu zich bij de stukken geen andere dan de hiervoor onder 2.2 sub c genoemde akte van uitreiking van de mededeling uitspraak bevindt, is het oordeel van het Hof dat blijkens de akte van uitreiking de mededeling van het vonnis op 25 januari 2007 in persoon is betekend niet begrijpelijk. Het middel klaagt daarover terecht.

3. Slotsom

Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.

4. Beslissing


De Hoge Raad:
vernietigt de bestreden uitspraak;
wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.


Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.M.E. Thomassen en W.F. Groos, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 11 oktober 2011.