Hoge Raad
ECLI:NL:HR:2011:BO9618
2011-02-18
Civiel recht
09/02019
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Formele procesketen
- conclusie ECLI:NL:HR:2011:BO9618 → ECLI:NL:PHR:2011:BO9618
Inhoudsindicatie
Antillenzaak. Verzekeringsrecht; art. 6:233 en 6:248 BW. Uitsluitingsclausule in polisvoorwaarden; vernietigbaar?; kernbeding?; beroep naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar? (81 RO)
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (0)
- geen
Volledige tekst
Volledige tekst (2.184 tekens)
18 februari 2011
Eerste kamer
09/02019
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
DELPHI N.V.,
gevestigd op Aruba,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
de vennootschap naar Amerikaans recht MARINE SPECIALTY MANAGEMENT INC.,
gevestigd te Lake Havasu City, Arizona, Verenigde Staten van Amerika,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Delphi en MSM.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 686/2004 van het gerecht in eerste aanleg van Aruba van 8 november 2006 en 12 december 2007;
b. het vonnis in de zaak AR-686/04-H-291/08 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 17 februari 2009.
Het vonnis van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van het hof heeft Delphi beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
MSM heeft geen verweerschrift ingediend.
De zaak is voor Delphi toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Delphi in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van MSM begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 18 februari 2011.
Eerste kamer
09/02019
DV/AS
Hoge Raad der Nederlanden
Arrest
in de zaak van:
DELPHI N.V.,
gevestigd op Aruba,
EISERES tot cassatie,
advocaat: mr. P. Garretsen,
t e g e n
de vennootschap naar Amerikaans recht MARINE SPECIALTY MANAGEMENT INC.,
gevestigd te Lake Havasu City, Arizona, Verenigde Staten van Amerika,
VERWEERSTER in cassatie,
niet verschenen.
Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Delphi en MSM.
1. Het geding in feitelijke instanties
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken:
a. de vonnissen in de zaak 686/2004 van het gerecht in eerste aanleg van Aruba van 8 november 2006 en 12 december 2007;
b. het vonnis in de zaak AR-686/04-H-291/08 van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba van 17 februari 2009.
Het vonnis van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie
Tegen het vonnis van het hof heeft Delphi beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.
MSM heeft geen verweerschrift ingediend.
De zaak is voor Delphi toegelicht door haar advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping.
3. Beoordeling van het middel
De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing
De Hoge Raad:
verwerpt het beroep;
veroordeelt Delphi in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van MSM begroot op nihil.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 18 februari 2011.